Maandelijks archief: juni 2016

Kale Kazachstaanse vlaktes

29 juni – Stage 39: Taskesken – Usharal (134 km)

Via mijn dochter Anke die de weblog beheert de reacties op mijn weblog ontvangen. Die kon ik niet uitlezen. Iedereen bedankt daarvoor en heel bemoedigend.

In de ochtend wakker geworden in de salie lucht. Heerlijk. Jammer dat het zulke stugge planten zijn. Toch heerlijk op geslapen. Alweer een gedenkwaardige feestelijke dag in juni. Niet omdat het vandaag feest van Petrus en Paulus is maar omdat ik 44 jaar getrouwd ben met Marjet. Moet dat dan maar over ruim een week vieren als ik terugkom. Vandaag 134 km en op naar rustdag in hotel. Over het algemeen vind ik kamperen prima maar de kampeerplekken vind ik af en toe ondermaats. Ik denk dat er betere plekken te vinden moeten zijn. Het weer is vandaag weer uitstekend. Terugdenkend aan kou en regen van begin dan moeten we ons gelukkig prijzen. Er valt natuurlijk altijd wel ergens wat over te zeuren maar dat wil ik niet en probeer de omstandigheden te accepteren zoals ze zich voordoen. Niet altijd mij sterkste punt (geweest).

We beginnen het eerste uur met wat wind schuin van achteren en de weg loopt naar beneden. Zoals al vaker opgemerkt echt goed uitkijken om niet in een van de grote kuilen te rijden. Je voorwiel overleeft dat niet. Wat er met mij dan gaat gebeuren moet ik niet aan denken. Alle kwetsuren zijn overigens bijna allemaal hersteld. Na een uur gaan we echt naar het zuiden waar de wind ook vandaan komt. We rijden door vlak land en in de verte zien we reusachtige besneeuwde bergen opdoemen die maar heel langzaam dichterbij komen. Het zijn de bergruggen tussen Kazachstan en China. Ik schat de afstand op 50 km maar het blijken er wel 150 te zijn. Bij de lunch wilde men mij doen geloven dat het de bergen bij Alma Ata zouden zijn op 500km. Dat was toch echt verkeerd ingeschat.

Na de lunch pal naar het zuiden met zicht op de besneeuwde bergen. Prachtig maar helaas kwam daar de wind ook vandaan. Pittig saai recht stuk met iets betere weg. Als we 18 – 20 km per uur wilden fietsen moesten we er echt wat voor doen. In Usharal naar hotel dat toch iets minder hotelachtig aanvoelde. Zelf bed opmaken, een niet goed functionerend toilet en lawaai van naar ik aanneem muizen. We zitten aan achterkant hotel waar keiharde muziek wordt gedraaid tot laat voor vier bezoekers. Ramen dus sluiten. Temperatuur loopt wel op tot 30°. Als je er maar niet over klaagt slaap je vanzelf.

28 juni – Stage 38: Ayagoz – Taskesken (104 km)

Het is nog lang warm in mijn tentje en goed slapen is er dit keer niet bij. Geen kramp verschijnselen gelukkig dus hopelijk was het een uitzondering. In de ochtend een paar muggen maar geen reden voor klagen, hoort erbij. Het ontbijt om 5 uur snel naar binnengewerkt.  De verwachting is dat we harde wind tegen hebben. Het is weliswaar een korte stage maar die kan met harde wind toch lang worden. Dat blijkt erg mee te vallen en op sommige momenten hebben we er zelfs voordeel van. We rijden met zijn drieën telkens 2 km op kop en na 60 km lunch voorzover je dat om 08.00uur zo kunt noemen. De weg is afwisselend en soms heel slecht met heel veel grote gaten. Een was zo groot dat je daar iemand in kon begraven. Dat betekent telkens heel goed opletten en tussen kuilen en gaten door laveren over wel goed asfalt. Op een gegeven moment hoorden we 25 meter achter ons een enorm geschraap van een vrachtwagen met aanhanger die voor ons inhield om een tegenligger eerst te laten passeren. Klaarblijkelijk was hij in een grote kuil terecht gekomen.  Daarbij verloor hij zijn linkervoorwiel en kwam met de as op de grond tot stilstand. Het voorwiel liep een tijd door en belandde via de linker weghelft in de berm. We liepen geen gevaar maar wel heel gevaarlijke situatie. Op een van de eerdere tochten van Tda zou al eens iemand om het leven zijn gekomen omdat die door een loslopend wiel werd getorpedeerd.

Al heel vroeg op campsite die weliswaar heerlijk naar rozemarijn en salie rook maar met nagenoeg geen schaduw en erg hoog soort helmgras. Ik ben maar eerst weer 4 km terug gefiets naar een benzinestation waar je wat frisdrank en wat eetbaars kon kopen. Ik was daar zonder het te weten aan voorbij gefietst. Alle tijd genomen om daar ook nog koffie te drinken. Op de campsite kwamen drie Nederlandse motorrijders hulp zoeken. Ze waren met zijn drieën vanuit Nederland op weg naar Beijing. Het probleem dat ze hadden kan ik niet precies uitleggen maar een van de motoren lag volledig uit elkaar. Het zou iets met een van de zuigers zijn. Andreas onze tourleader is fervent motorrijder en ingenieur en wist hen te helpen. Nadat ze hun motor weer in elkaar hadden gezet hebben ze nog soep gegeten bij ons. Ze kregen nog goede adviezen mee over de route door Mongolië en ze hadden nog een strak schema in verband met de visa. Voor Turkmenistan hadden ze geen visum kunnen krijgen evenals nu twee van onze rijders uit Zuid-Afrika. Uiteindelijk mijn tentje maar met wat tegenzin opgezet op deze voor kamperen niet echt ideale plaats. Het diner met risotto en op open vuur geroosterde kip, dat maakte veel goed. Met de warmte lijkt het uiteindelijk ook mee te vallen hoewel de zon nog wel een tijdje zal schijnen. Beter dan regen.

27 juni – Stage 37: Karaaul – Ayagoz (147 km)

Na de lange dag van gisteren vandaag ook lange etappe maar wel 40 km minder. Juist die laatste kilometers waren zwaar. Om iets over vijf uur op de fiets. Meteen al stevige wind op kop. We zijn met hetzelfde groepje als gisteren. Erwin en Grant en Jacqueline en Iwan uit Zuid-Afrika. Gisteren wilde Grant dat Jacqueline ook normaal kopwerk zou doen. Maar dat was haar gisteren op het eind toch teveel geworden. Normaal rijden Grant en Jacqueline samen en doet Grant al het kopwerk. Waarom nu anders was mij niet duidelijk en uiteindelijk ging hij ermee akkoord dat ze achteraan zou blijven rijden. Betekende wel dat wij wat meer moesten doen. 147 km leken me niet veel ten opzichte van gisteren maar de wind was sterker en recht op kop en de weg was erbarmelijk. Na 50 km was het vaak grind en als ie verhard was dan stuiterde je over de weg. In feite was het geen verharde weg te noemen. Het was hard werken zeker omdat de weg vaak ook nog heel geleidelijk omhoog ging. De laatse 30 km hadden we het geluk dat de wind wat ging draaien en we hem schuin achter hadden. Toch 7.5 uur op de fiets gezeten, maar viel nog mee. De campsite was weer aan een rivier en ik vreesde de muggen alweer. Dat bleek mee te vallen want we zitten weer in een beetje woestijnachtig gebied. Het is overdag ook redelijk warm en het devies is blijven drinken.

26 juni – Stage 36: Semey – Karaaul (190 km)

De langste stage van de tour. Om 5.00 uur ontbijt, alhoewel het hotel kon zo vroeg  geen ontbijt serveren. Wel een soort ontbijtpakket dat we op de stoep van het hotel konden nuttigen. Vanwege de verwachte wind en lange afstand zo snel mogelijk op weg. De wind was er al meteen en zoals gebruikelijk tegenwind. Met een groepje van 5 deden we elke 2 km kop. Wanneer je allemaal een keer kop had gedaan was je 10 km verder. De weg was lang en recht maar telkens net niet vlak want er moesten meer dan 1200 meter hoogtemeters worden overwonnen. Na 30 km zagen we in de verte een groep van zo’n 30 paarden in volle galop met ons meerennen. Schitterend gezicht. Duurde zeker een kilometer toen ze steeds dichterbij kwamen en in volle vaart vlak voor ons de weg overstaken. Erg indrukwekkend en te mooi om de tijd te nemen voor een foto. Iwan heeft onder het rijden wel een video gemaakt en werd nog bijna door een veulen dat als laatste overstak van de fiets gelopen. Video komt nog. Zeer indrukwekkend. Na bijna vijf uur fietsen bereiken we lunch en dan moeten we nog 100km. Dit keer echt kilometers maken. Bovendien is niet iedereen even ervaren om in groep te rijden en als je op kop rijdt de ander uit de wind te houden. Regelmatig stoppen om wat te drinken en te eten. De laatste 10 km nog slopend. Na bijna 10 uur fietsen om 16.00 uur op campsite. En dan waren we wel de eersten. Velen hebben halverwege de bus genomen en in totaal zullen er geen 15 zijn geweest die route volbracht hebben. Helaas kreeg ik na het avondeten toen ik wilde opstaan in beide benen kramp hetgeen wel pijnlijk was maar na 10 minuten onder controle. Omdat ik vreesde dat het ’s nachts zou terugkomen van Grant Canadese medicijnen gekregen voor ontspanning spieren. Gelukkig geen probleem gehad meer ’s nachts. Waar het ook aan heeft gelegen (wellicht 190 km fietsen?!?).

25 juni: Rustdag in Semey

Op tijd naar bed en heerlijk uitgeslapen tot bijna 7 uur wanneer ontbijt begint. Ik blijk niet de enige die dan al behoefte heeft aan ontbijt. Om 9 uur moeten we ons als hele groep met onze paspoorten melden bij een bureau op loopafstand. Met zijn allen meer dan uur moeten wachten. Plotseling werden alle paspoorten ingenomen en gekeken wie bij welk paspoort hoorde. Daarna konden we gaan en ’s middags kregen we paspoort met gestempeld papier terug. Over bureaucratie gesproken.

Daarna door met de alledaagse dingen. Een van de rijders had me op het idee gebracht mijn tent in het bad te wassen. Mijn tent was erg vies en stonk verschrikkelijk. Dus de tent ging in bad met zeep en al. Na eerste wasbeurt modderwater en na twee spoelbeurten  begon ie weer fris te ruiken. Op de binnenplaats kon ik de tent in de zon in een halfuurtje droog krijgen. Het weer in elkaar zetten van binnen en buitentent was niet een alledaags klusje, maar ik had er alle tijd voor. Voor de rest het gebruikelijke fietsonderhoud, simkaart kopen en hopen dat ie nu wel werkt, en wat proviand kopen voor onderweg. De komende vier dagen is het de vraag of je iets tegenkomt. In een pizzarestaurant prima pizza gegeten en de wijn was sinds lange tijd weer eens lekker. En verder op tijd naar bed want het is weer om 4.00 uur opstaan morgenvroeg.

Advertenties
Categorieën: Uncategorized | Een reactie plaatsen

Siberische muggen van de buitencategorie

24 juni – Stage 35: Rubtsovsk – Semey (160 km)

Rubtsovsk is redelijk grote plaats en ik blijf me verbazen over de toestand van de wegen in zo’n  grote plaats. Je moet slalommen tussen werkelijk hele diepe gaten. Het is uitkijken nu het nog vroeg is. Eenmaal buiten Rubtsovsk hebben we een goede asfaltweg die naar de grens met Kazachstan leidt. 38 km snel weggefietst en we staan al om 7 uur aan de grens. Dit keer is de procedure eenvoudiger. We kunnen zelf onze stempels halen en de bagage blijft in de voertuigen. Wel is het wat gedoe met veel fietsers tegelijk. Daarom gaan we in diverse groepjes en komen we binnen een uur door de grens formaliteiten heen.

Dan in Kazachstan nog 120 km fietsen. De weg is zeker in het begin behoorlijk ongelijk ook al heet het asfalt. De wind steekt op en is dit keer tegen. Dat maakt het toch nog een hele inspanning om Semey te bereiken. Tegen een uur of twee bereiken we Semey. Een grote stad van 300.000 inwoners. We zitten in groot modern hotel. Het valt me op dat het allemaal veel moderner en luxer is dan in Rusland. Je ziet het niet alleen aan wegen en gebouwen maar ook hoe men gekleed is. Semey heeft alle faciliteiten en maar gelijk geld gewisseld en in een supermarkt inkopen gedaan. De roebel wordt vervangen door de tenga.

Dit is het laatste land dat ik aandoe en omdat ik in tegenstelling tot de anderen niet langer dan 14 dagen blijf heb ik geen visum nodig. Kostte aan de grens wel enige uitleg en gelukkig had ik eraan gedacht mijn vluchtschema mee te nemen zodat ik kon laten zien dat ik 6 juli vertrek uit Kazachstan. Een van de rijdsters had dit over het hoofd gezien en moet over 15 dagen wegzijn op straffe van 5000 euro boete of zelfs gevangenisstraf.  Ze heeft nog EFI en hoe dit op te lossen wordt nog over nagedacht. Alsnog visum te krijgen blijkt onmogelijk te zijn. Dat laat de bureaucratie niet toe.

23 juni – Stage 34: Charish River – Rubtsovsk (155 km)

De dag begon met een muggen invasie. Ik dacht eerder in de week het ergste te hebben meegemaakt maar het kon nog erger. Alles bedekken en in beweging blijven. Het werd dus een walking breakfest. Daarna zo snel mogelijk op de fiets. Een paar vertrokken zelfs zonder op ontbijt te wachten. Vandaag behoorlijke afstand te overbruggen van meer dan 150 km en dan toch ook het nodige klimwerk van meer dan 1000 hoogtemeters. Na 40 km komen we door het plaatsje Kyria dat de geboorteplaats van Kalashnikov blijkt te zijn. Er is zelfs een museum voor hem ingericht. Toch maar doorgefietst. Op 60 km nog een stop voor een colaatje. Per uit Zweden stopt ook. Hij heeft een  bolletjes trui aan hetgeen mij doet opmerken dat het vandaag met de beklimmingen nogal meevalt. De volgende 10 km moest er overigens even behoorlijk geklommen worden. Bovendien krachtig windje tegen. Na 70 km lunch en als Per daar ook aankomt krijg ik er behoorlijk van langs omdat het niet aangaat iets over zijn kleding op te merken. Wat als grap over de tocht bedoeld was trok hij zich persoonlijk aan. Zijn reacties zijn niet altijd goed te begrijpen en daar laat ik het maar bij.

Na de lunch gaan we scherp terugdraaien waardoor de wind wat gunstiger voor ons is. Toch nog hele afstand en na nog maar eens een pauze toch redelijk op tijd bij campsite, wederom aan rivier zodat we weer verzekerd zijn van muggen. De campsite, althans de plek die we daarvoor gebruiken ligt vlakbij Ribsovts. In de namiddag even Ribsovts ingelopen om wat bier te halen. De doorgaande wegen zien er redelijk uit en er rijden zelfs trolleybussen. De zijwegen lijken onbegaanbaar. Misschien realiseer ik me te weinig dat we in Siberie zitten en het er in de winter nog anders uitziet. Als ik een paar biertjes koop denk ik er goed aan te doen voor Amstel te kiezen. Als ik al op terugweg ben zie ik dat het alcohol vrij is. Dat kan ik degenen voor wie ik ze meebreng niet aandoen, gelukkig alsnog kunnen omruilen.

De rivier oever wordt door de plaatselijke bevolking als zwemplek gebruikt hetgeen aan rommel en rotzooi wel te zien is. Een groep van zo’n zes personen heeft daar wat te vieren met veel wodka en muziek en houdt ons behoorlijke tijd uit de slaap. Dat doen de muggen ook weer en ik kan niet wennen aan die plaag. Ik ga maar vroeg mijn tent in omdat het daar het best is uit te houden. Helaas lukt het me niet de ritsen van mijn tent goed dicht te krijgen. Ze blijven onwillig. Mijn tent had ik in de schaduw gezet. De zon schijnt zolang dat ie ’s avonds toch mijn tent weet te bereiken. In de ochtend althans vanaf 3.00 uur is het hondengeblaf aan de andere kant van rivier niet van de lucht. Toch wel geslapen maar ideale nachtrust was het niet. We moesten een half uur eerder opstaan omdat we de grens met Kazachstan over moeten. Om  5 uur ontbijt en zo snel mogelijk weg vooral vanwege muggen.

22 juni – Stage 33: Petropavlovski – Charish River (129 km)

De zon schijnt nog lang op mijn tent. Niet zo vreemd het is de langste dag van het jaar. We zitten maar op 200 meter hoogte en het blijft nog lang warm. Mijn tent is in ieder geval muggenbrij alleen maar warm deze keer. Als ik opsta is het mistig en nat. Geen regen maar van de dauw wordt ook alles nat. Doet me denken aan het liedje van postman Pat dat kleinzoon Finley zingt en als ik het begin te zingen doen de Britten meteen mee. Het is vroeg en mistig. Na 9 km krijgen we weer eens een grindweg. Dat zal vandaag regelmatig het geval zijn. Soms mooi asfalt en dan ineens onverharde stukken. Is extra opletten. Op 60 km een stop voor colaatje. In het winkeltje wordt met een telraam gewerkt om aan te geven wat je moet afrekenen. Vervolgens nog bijna 10 km tot lunch nog een stevige klim. Ik probeer een stevig te tempo te rijden en alleen Grant kwam me nog voorbij. Tot zijn verrassing hem nog wel twee keer ingehaald maar hij is stuk sterker.

Na de lunch is de zon gaan schijnen en zijn er schitterende vergezichten nu we weer in de heuvels zijn beland. Regen blijft ons bespaard. Een schitterende fietsdag. Wel telkens goed opletten op de onverharde grind stukken. Koste wat kost wil ik voorkomen nog eens te vallen. Mijn linkerschouder is nog niet genezen. Fietsen gaat prima maar golfen zou nu niet lukken. Nog twee weken de tijd. Ook mijn knie is nog niet echt dicht. Bij het fietsen heb ik er geen last van maar bij het kruipen in de tent wel. Om 14.00 uur kom ik aan op de campsite aan een rivier. De plek wordt elke dag beter ook al is het hier zeker niet vrij van muggen.

21 juni – Stage 32: Mozzy Camp – Petropavlovski (103 km)

De campsite is door de muggen een gruwelijke. Hoewel de rits van mijn binnentent gesloten kon worden kwamen er toch muggen mee als je in en uit ging. Ze zijn wel gemakkelijker te vinden en bejagen dan in een kamer. Ook bij het opruimen van mijn tent bleef het een plaag. Mijn regenbroek aangedaan en handschoenen en netje over gezicht. Wel lastig eten. Het was een verademing om op de fiets te zitten eindelijk geen last van muggen. Reden om het rustig aan te doen en niet te vroeg op de campsite te arriveren. De campsite  was eigenlijk onbewoonbaar en ik nam me voor om ergens anders te gaan overnachten wanneer men een zelfde soort pek zou uitzoeken om te kamperen. Een van de rijders had zich gistermiddag om 3 uur in zijn tent opgesloten tegen de muggen. Hij is er niet meer uitgekomen voor vanochtend en is zonder ontbijt op zijn fiets gesprongen. Ook wat overdreven maar het was werkelijk zeer onaangenaam.

Vandaag slechts 100 km en nogal vlak. Het lijkt Nederland wel. Binnen 3 uur 70 km afgelegd en dan al bij de lunch. Het is nog maar 09.00 uur. Het weer is droog en zonnig, terwijl er weer regen is voorspeld. We rijden door uitgestrekte velden met graan en andere gewassen. We zien niemand op het land werken en vragen ons af hoe het allemaal zo goed er bij kan staan. Komen door weinig plaatsjes. Als ze er al zijn dan zijn het meer boerengehuchten. Al vroeg in de morgen komen we in zo’n gehucht midden op straat een oud vrouwtje tegen met een koe aan een touw. Typisch beeld voor hier. Jammergenoeg te laat om foto te maken. Na de lunch rustig aan. Ergens colaatje gedronken en toch al voor de middag op campsite. Deze keer meer in open veld gelegen, met wat meer wind en bijna geen muggen. We kamperen drie km van een dorpje en daar een biertje gaan halen en wat zitten lezen. Een beetje een lange middag. Een vlakke tocht van 100 km over asfalt is voor een volle dag eigenlijk weer wat weinig… Morgen wat meer kilometers en weer klimmen.

20 juni – Stage 31 – Gorno – Mozzy Camp (104 km)

Omdat we verspreid zitten over 2 hotels vergt het enige organisatie om iedereen bij elkaar te krijgen. Om 07.00 uur ontbijten we met de hel club in het andere hotel waar ook riders meeting is. Tevens nog afscheid van enkele rijders die naar huis gaan waaronder de Nederlander Joost. Nu ben ik weer de enige Nederlander en kan ik niet af en toe in het Nederlands een praatje maken. Moet weer alles in het engels dat toch niet mijn favoriete taal is. Het gaat wel steeds makkelijker en beter heb ik het idee.

De verwachting voor vandaag is dat er de nodige regen zal vallen dus beginnen we in redelijk tempo nu het nog droog is. We zijn uit de bergen en nu in vlak landschap. Kon Nederland zijn. We schieten lekker op en binnen 3 uur bij de lunch. Het is nog steeds droog dus doorrijden maar. Al voor 13.00 uur zijn we op campsite die de naam niet waard is. Weinig ruimte en vooral ontzettend veel muggen. Het is lastig je daar tegen te wapenen. Ik zet mijn tentje losjes op en hoop de binnentent afgesloten te krijgen. Er wordt wel een vuurtje gestookt maar daar trekken de muggen zich weinig van aan. Er valt nog wat regen maar daar wordt het niet minder van. Op tijd naar bed dan maar en je opsluiten in je tentje.

Categorieën: Uncategorized | 1 reactie

Pyreneeën en Vogezen in Rusland

19 juni – Rustdag: Gorno Altaysk

Vandaag rustig beginnen en uitslapen tot 08.00 uur (wel verdiend op vaderdag!!). Als je normaal om 04.15 opstaat is dat echt laat. Na ontbijt de was even ophalen. Dat blijkt wat zoekwerk lopen te leveren want alle was van zo’n 18 personen ligt bij elkaar. Men heeft wel netjes alle broeken bij broeken, shirts bij shirts enz. gelegd maar dan nog een heel zoekwerk. Ik had ook geen lijstje gemaakt van alle spullen die ik had afgegeven. Toch maar weer doen volgende keer. Tot nu toe mis ik niets. Wanneer ik mijn fiets wil gaan poetsen valt er een enorme hoeveelheid regen. In de ochtend ook al regen. We zitten verspreid over twee hotels en dat bevordert de communicatie niet. Nog maar eens naar het centrum gereden om op zoek te gaan naar een kaart van Rusland. Helaas zonder resultaat. Ook Christina de Russische begeleidster kan me niet helpen zeker niet als ik het heb over de schaal van de kaart. Wanneer ik terug wil naar hotel weer een enorme onweersbui. Wat er vandaag valt, valt er morgen niet, zei mijn moeder dan. Daar hoop ik dan maar op. Ik moet wel bij het andere hotel tussenstop maken voor de onweersbui anders zou ik er midden in hebben gezeten.

Daar blijkt de wifi aanzienlijk beter te werken. Daar krijg ik van Iwan nog een video van de stormnacht waar ik in pyjama mijn tent probeert te redden, bijzondere ervaring. Ik heb ook gekeken op de weblog van Erwin met wie ik veel samenfiets. Als hij zegt stop voor foto dan doe ik dat braaf. Hij heeft veel interesse in vogels en bloemen. Hij maakt schitterende foto’s en het is de moeite waard alleen al de foto’s te bekijken. De tekst is in het Duits en wat hij noteert van de tocht is weer anders dan ik doe. Hij geeft wel veel meer informatie. Dus kijken op zijn weblog is zeker de moeite waard: http://erwin-auf-der-seidenstrasse.blogspot.nl. Het weer was vandaag zo slecht en door de mooie foto’s van Erwin raakte ik zo gedesillusioneerd dat ik geen foto’s heb gemaakt. Voor de rest nog even tv kijken want ik heb gezien dat er heel veel gevoetbald wordt en dat Max Verstappen weer in actie komt.

18 juni – Stage 30: Cherga – Gorno Altaysk (97 km)

Mijn hutje heeft twee bedden en hoewel ik het naar mijn eerdere ervaring op prijs stel snurkvrij te slapen kon ik een van de later binnengekomen rijders niet weigeren het vrije bed aan te bieden. De avond werd wat later ook nog opgeluisterd door enkelen die de werking van de wodka hadden onderschat. Er werd nog redelijk lang gedanst. Dat is wel relatief want als je om 4 uur opstaat is elf uur laat. Rond 6 uur in de ochtend vertrok bijna iedereen voor een relatief makkelijke tochtje van bijna 100 km, behalve twee feestvierders van vorige avond die meteen de bus namen. Bij het ontbijt nog enige commotie. Voor het begin van ontbijt wordt door de kok een teken gegeven. Tevoren heeft zich al vaak een rij van een aantal wachtenden gevormd (waaronder ik ook meestal). Telkens is er iemand die probeert voor te kruipen. Daar werd door iemand wat over gezegd en dat viel niet in goede aarde. Allemaal volwassen mensen dus…

De route vandaag is een weg die naar Gorno leidt langs een steeds bredere rivier met steeds meer verkeer en soms zelfs 4-baans, hetgeen ons als fietsers de meeste ruimte geeft. Het gaat telkens iets meer naar beneden dan naar boven. Al om acht uur bij de “lunch”. Het landschap waar we doorheen rijden doet me sterk denken aan de Vogezen. We hebben mooi weer. Aan de weg is te zien dat het niet lang geleden heeft geregend maar dat is ons bespaard gebleven. Al om 10.00 uur kom ik aan in Gorno. We zijn ondergebracht in 2 hotels die 1km uit elkaar liggen. Mijn kamer is pas om 12.00 uur klaar, dan maar wachten doorbrengen met de wifi waar ik sinds een week weer beschikking over heb. Voorts wat boodschappen doen voor 2e lunch.

In de middag op pad voor een scheerapparaat omdat ik het mijne niet meer kan opladen. Niet het goede snoer bij me. Om mijn baard drie weken te laten staan was vroeger misschien optie. Nu niet meer. Het is moeilijk van buiten te zien waar een winkel is laat staan wat ze er verkopen. Na diverse pogingen toch een gevonden. Niemand spreekt bijna een woord engels maar met wat handen en voetenwerk lukt het een werkend scheerapparaat te kopen voor een mooi prijsje. Bovendien was ik op zoek naar een boekhandel om een Engels/Russisch taalboek te bemachtigen. De verkoopster van het scheerapparaat weet mij met haar telefoon het adres van een boekhandel te geven. Wel een stukje lopen. Zie ik meteen wat van Gorno dat zeer langgerekt is en tussen 2 heuvelruggen ligt ingeklemd. De boekhandel weet ik te vinden en ook wat taalboekjes om engels,duits of frans te leren. Maar daarmee kan ik het Russische Alfabet niet ontcijferen want dat wordt bekend verondersteld. Toch beter iets dan niets en een boekje met een woordenlijst en wat zinnetjes gekocht. Het alfabet moet toch te leren zijn en daar ben ik nu mee bezig. Een heleboel woorden zijn dan begrijpelijk.

17 juni – Stage 29: Onguday- Cherga (116 km)

We zitten weer bij een rivier en dat betekent muggen. Zaak om mijn binnentent gesloten te krijgen. Door de tent een beetje losjes op te zetten en lukt het me de ritsen gesloten te krijgen. Ik hou van een strak opgezette tent maar dit lijkt de volgende ochtend wel een hobbezak nu die ook nog nat is. Het is maar goed dat het niet waaide. Wel muggenbeetvrij gebleven. De tocht vandaag heeft een behoorlijke klim voor ons in petto. Het is in tegenstelling tot verwachting droog en ongeveer 13°. Na 30 km staat Iwan langs de kant met een afgebroken trapper. Hij heeft nog EFI, maar we hebben helaas geen mogelijkheid hem te helpen. Hij zal moeten wachten op een van de volgauto’s. Wij gaan door en na 60 km de top van de Seminsky op 1720m bereikt. Daarna is het in vliegende vaart naar beneden. Na 10 km eerst nog lunchen. Toch nog koud. Verderop als zon erbij komt en we verder dalen wordt het lekker. Na ruim 5.5 uur zijn we op een campsite waar een hutje te huur is. Die zijn nog vrij want er is er nog maar een voor ons binnengekomen op campsite. De regenvoorspelling maakt het voor mij niet moeilijk een keuze voor een hutje te maken. De regen blijft overigens uit. Iwan komt een paar uur later binnen en heeft hele stuk met een trapper en dus met een been gefietst. Knap. Er nemen 6 rijders afscheid en die hebben drank en hapjes geregeld en een heerlijk dessert voor na het diner. Met muziek erbij is het nog lange tijd een gezellige boel.

16 juni – Stage 28: Chibit – Onguday (139 km)

De meeste spullen heb ik kunnen drogen omdat mijn hutje een kacheltje had. Het is nog bewolkt en omdat het nog onduidelijk is wat het weer gaat doen wat meer regenkleding en warmere kleding meegenomen. Mijn schoenen nog niet helemaal droog. Had ze wel op de heater gelegd maar de zolen dreigden te smelten. Eenmaal op weg begint er steeds meer blauwe lucht te verschijnen. De omgeving is prachtig. Totaal anders dan in Mongolië. Ik waan me meer in de Pyreneeën. We rijden in een soort gorge die bijna 100 km lang is. We gaan op en af maar tweemaal zoveel af als op. In ruim 3 uur bij de lunch op 80 km. Dat gemiddelde al in paar weken niet meer gehaald.

Inmiddels is de zon gaan schijnen en alle regenkleding en overige warme kleding moet ik op een of andere manier zelf mee zien te krijgen. Voor mij reden voor te stellen in de lunchtruck een mand te plaatsen waar je je overtollige kleding in kunt doen. Daarover moet de staf eerst beslissen. Dus op een of andere manier mijn achterzakken en mijn camelbag volgepropt met regenjas,regenbroek, overschoenen, jasje en extra mouwen. Voel me net een Michelin mannetje en moet dan wel fietsen. Dat lukt dan ook nog. Na de pauze een redelijke berg op met meer dan 800 hoogtemeters wat het dagtotaal op meer dan 1600 brengt. Het is ondertussen meer dan 30°. Het klimmen gaat me redelijk af en wekt zelfs wat bewondering af bij anderen. Zal wel met mijn leeftijd te maken hebben. Bovendien kan ik nog wel een berg op zonder te gaan wandelen. Dat lukt een groot aantal niet.

Eenmaal over de top wil ik aan de afdaling beginnen en dan een enorme knal. Mijn achterband is geknapt en dan wel de buitenband. Een nieuwe binnenband heb ik nog wel maar de buitenband is beschadigd. De binnenband komt er doorheen. Erwin die bij mij is zegt dat het maar 4 uur lopen is om mijn EFI te behouden ofwel 20 km. Dat geloof ik niet dat ik zal doen. Met een plakpleister aan de binnenkant en weinig oppompen van de band begin ik aan een lange afdaling. Door niet op mijn zadel te gaan zitten, geen achterrem te gebruiken en niet harder dan 25 km/u te gaan, haal ik de eerste 10 km van de afdaling redelijk gemakkelijk. Ook daarna voorzichtig blijven rijden zodat me een eventuele wandeling bespaard is gebleven. Toch nog om 14.00 uur op de campsite aan een rivier. Mijn enige reserveband erop gezet. De oude band kon ik weggooien want er zaten aan zijkant meer slijtage plekken. Tot nu toe geen bandenpech gehad en hopelijk blijft het hierbij. Voor het overige een ideale fantastische fietsdag.

Categorieën: Uncategorized | Een reactie plaatsen

Alternatieve route naar Rusland

15 juni – Stage 27: Canyon Camp – Chibit (90 km)

Dit keer geen foto van campsite gemaakt. We waren laat en ik meende mooi plekje bij rivier te vinden om tent op te zetten tot ik merkte dat ik binnen 10 seconden 5 keer gestoken werd door muggen. Ergens een plekje hogerop gezocht met meer keien en wind. Dat scheelde wel maar het bleef een plaag zeker omdat ik het gaas van de binnentent niet volledig kan sluiten. De rits heeft het deels begeven. Redelijk geslapen maar niet lang ondanks dat ontbijt uur later was dan gebruikelijk.

Vandaag maar 90 km over asfalt. Dat moet je dus nooit denken. Bij vertrek staat er keiharde tegenwind. Als dat hele dag zo blijft hebben we zeker 8 uur nodig. Na 15 km gaat het regenen en is de wind verdwenen. Geen gekke ruil want dit schiet veel harder op. Het is 13 – 15 ° en dat valt mee, maar op zoveel regen had ik niet gerekend. Geen regenbroek en mijn kniewond vindt dat niet leuk. Al snel bij de lunch op 60 km. Daarna gaat het echt hard regenen. Tien km voor de campsite in eenvoudig cafetariaatje gestopt om koffie te drinken en warm en wat droger te worden. Om me heen op de grond ontstaat een plas water. Toch blijkt mijn regenjas me droog te hebben gehouden. Mijn waterdichte sokken weigerden echter dienst. Toen het inmiddels droog was geworden de laatste 10 km naar campsite gefietst. Meeste ging naar beneden dus al vroeg op campsite. Daar kon ik een houten cabine huren. Kan mijn tent tot rust komen. Aardige campsite met wat voorzieningen zodat we droog kunnen zitten. Of het vandaag nog ophoudt met regenen is afwachten.

14 juni – Bordercrossing

De avond tevoren zijn er 5 busjes gekomen waarin we met bagage zullen proberen Mongolië uit te komen en Rusland in te komen. Omdat we gisteren andere route hadden genomen dan gepland moeten we iets verder rijden om bij de grens te komen. In elk busje zitten 7 personen. Er is een vrachtwagen waarop de avond tevoren alle fietsen zijn geplaatst. Daar is hard aan gewerkt om die zo te beschermen en te bevestigen dat ze niet beschadigen. Dat is hard nodig want de route die we nemen is de eerste 80 km erbarmelijk. We worden behoorlijk door elkaar geschud. We zijn extra vroeg begonnen hetgeen betekent 05.15 uur ontbijt. Dan moet je wel alles gepakt en gezakt hebben.De busjes hebben geen veiligheidsgordel maar zijn wel van binnen gepolsterd zodat je je hoofd niet aan het dak kunt stoten. Het laatste stukje naar de grens met Mongolië is asfalt. Voor 10.00 uur komen we aan en mogen in een lange file gaan staan om Mongolië uit te mogen. Het schiet niet op en als ik wat dichter bij de grens ga kijken tel ik dat er elk half uur 3 à 4 voertuigen doorkomen. Er staan zeker nog 30 voertuigen voor ons en 12 motorrijders. Als we om 14.00 uur bijna de poort door zijn om verderop stempel te gaan halen sluit men alles omdat er een uur lunchpauze is. Het is behoorlijk warm en wachten duurt dan lang. Uiteindelijk om 16.00 uur heeft iedereen een stempel om Mongolië uit te mogen. De bureaucratische benadering is ongelofelijk. Als je een pak met sterren aan hebt en een pet op hebt moet je klaarblijkelijk laten merken dat je macht hebt door anderen te laten wachten. En dan Rusland nog in. Dat zou ook zeker 4 uur duren, maar eerst 30 km niemandsland.

De Russische controle lijkt erg mee te vallen. Wel echt grondig maar wat men doet dient ergens voor. Met een uur zijn we de grens over. De 5 chauffeurs en voertuigen die ons begeleid hebben in Mongolië zijn daar achter gebleven en daarvoor komen 2 voertuigen van TDA in de plaats. Dat is maar goed ook want elke avond moest er aan een of meer voertuigen gesleuteld worden. In Rusland komt er ook nieuwe begeleider/tolk .Eerst nog wat inkopen gedaan en dan nog 80 km verderop naar campsite in de aparte voor deze dag gehuurde busjes. Als we op campsite aankomen is het inmiddels 21.00 uur. Tent opzetten, koken en muggen jagen. Een lange vermoeiende dag. De kok krijgt nog een lekkere eenpansmaaltijd klaar. Aan de organisatie heeft het niet gelegen. Alle bewondering hoe ze met telkens veranderende situatie omgingen.

13 juni – Stage 25: Lake Camp – Lake Camp (88 km)

Net toen ik mijn verslagje van gisteren had afgesloten en naar bed wilde gaan kwamen de dames Bernie en Joan vragen of er nog een bed vrij was. Het was inmiddels behoorlijk gaan waaien en ze vonden het veiliger een bed in de ger te hebben. Hun tent die ze al hadden opgezet hebben ze weer afgebroken en een van de overige bedden gehuurd. Helaas. Joan bleek een stevige snurker. Het leek serieus wel het geluid van een varken soms. Ik heb elk half uur van de nacht meegekregen en dat heb ik de volgende ochtend toch ook aan Joan gezegd. Dat had ze nog nooit van iemand gehoord. Nu dan wel van mij. Ze heeft zich overigens wel verontschuldigd, maar als je snurkt kun je er weinig aan doen. Ik probeer er in ieder geval voor te zorgen niet nog eens in zo’n situatie te komen.

De tocht die voor vandaag gepland was kon niet doorgaan omdat wij noch de voertuigen een rivier niet over konden vanwege hoge waterstand. Tot gisteravond laat is Andreas, de tourleider, bezig geweest een alternatieve route te vinden. Betekent wel dat we beginnen met een pas van 2600 meter die steil is en zeer rotsachtige weg heeft. Het is wat improviseren en de eerste 10 km moeten we elkaar wat in de gaten houden om de route te vinden. De weg wordt steeds steiler en slechter. De laatste 4 km moesten we allemaal lopen. Wat wil je met die keien en 20% stijging. Erg koud is het niet hoewel er boven nog wel sneeuw langs de kant ligt. De afdaling is wel beter dan de klim en we kunnen fietsend naar beneden. In drie uur hebben we 21 km afgelegd. Een gemiddelde van 7 km per uur. Nadien schiet het wat beter op. De weg is niet geweldig maar we zijn wel wat gewend. De omgeving is schitterend. Eindeloze vergezichten met in de verte besneeuwde bergen. Na 55 km lunch en dan nog 33 km door naar campsite aan een meer. Nog wel eerst een zandduin over en 200 meter klimmen. Na bijna 7.5uur fietsen 88 km afgelegd. Een gemiddelde van 12 km per uur. Lang geduurd en lang genoten van de geweldige natuur hier. Af en toe een ger, wat vee en geen verkeer. Ongerepte natuur.

12 juni – Stage 24: Ulaangom – Lake Camp (88 km)

Een beetje onrustige nacht. Onzeker of de taxi die ik om 05.00 uur had besteld ook werkelijk zou komen om mijn bagage naar het hotel te brengen waar de rest van de tda was gehuisvest. Ook Ruth uit Londen die in hetzelfde hotel zit zou gebruik maken van de taxi. Om iets over vijf komt de taxi daadwerkelijk. Dat had ik in Dongola in Sudan anders meegemaakt.  Het is maar paar honderd meter en zelf ga ik op mijn fiets. Het is nog behoorlijk donker. Tijdens ontbijt tevens riders meeting. Het wordt behoorlijk klimmen vandaag. De eerste 35 km zijn nog asfalt en daarna de bergen in. De zon is net opgekomen en in de verte zie je het grote meer als een spiegel. Prachtig. De ruimtes zijn zo uitgestrekt dat je elk gevoel voor verhoudingen kwijt raakt. Als we eenmaal weer van het asfalt zijn en de bergen ingaan dan schat ik de eerste volgende bocht op 1.5 km en 100 meter klimmen. Het blijken er 6 te zijn met 300 meter klimmen. In totaal moeten we naar een top van 2000 meter met 800 meter klimmen in zo’n 15 km. De laatste 4 km zijn 10%. Op een offroad weg is dat een extra inspanning. Op de top na 50 km lunch. Schitterend uitzicht naar beide kanten met onmetelijke ruimtes en vlaktes. Nog 40 km na de lunch waarvan behoorlijk deel afdalen en twee klimmen waarvan er een een skihelling lijkt. Lopen dus want meer dan 20%. Sommige delen van afdaling zijn heel beroerd. Je gaat er even langzaam naar beneden als omhoog. Hoewel ik mij had voorgenomen niet te vallen toch nog ergens tussen de grove stenen onderuit gegaan. Nagenoeg geen uiterlijke verwondingen maar wel op mijn al pijnlijke linkerschouder. Beetje balen. Voorzichtig verder. Te voorzichtig wordt krampachtig en dan gaat het ook niet goed.

Na het laatste klimmetjes schitterend uitzicht over een meer waar we kamperen op een site die wat hutten en gers te huur hebben. Omdat ik redelijk op tijd arriveerde een bed in een ger gehuurd. Uiteraard om mijn tentje te sparen maar ook mijzelf. In de ger staan 5 bedden waarvan ik er een heb gehuurd en het is afwachten of en wie er bij komen. Dat blijkt niemand te zijn dus hele ger voor mij alleen. Dat is luxe. Eerst paar uur geslapen om bij te komen van slechte nacht en fietstocht. Daar weer behoorlijk van opgeknapt.

(Foto’s zijn van 12 en 13 juni)

Categorieën: Uncategorized | 2 reacties

Storm en mul zand

11 juni – Rustdag: Ulaangom 

Terugkijkend op de afgelopen zes dagen dan waren het intensieve fiets dagen. De rustdag is dan heerlijk ook al moeten er allerlei klusjes worden gedaan. Bovendien hoop ik op herstel van wat kleine ongemakken. Mijn rechterelleboog, mijn linkerschouder en een schaafwond aan mijn knie. Allemaal niet zo ernstig dat er niet gefietst kan worden. De blessure die ik het meest vreesde is onder controle en wel kramp in mijn rechterbovenbeen.  Daarvoor heb ik sportfysiotherapeut bezocht al twee maanden voor vertrek. Vanaf toen elke dag rek-en strekoefeningen gedaan en een paar behandelingen. Het heeft heel goed geholpen. Wel paar keer na lange dag een dreigende kramp maar mocht geen naam hebben.

Vanochtend begonnen met reparatie van mijn tentstokken. De nieuwe stok die Joost voor mij had meegebracht in Ulaanbataar op lengte gemaakt en de oude stok gebruikt als onderdeel voor een van de stokken die in de storm een hele rare vorm had gekregen. In het hotel waar ik zit is het heerlijk rustig. Geen last van overbezette wifi of niet functionerende laundry afdeling. Mijn fiets had een onderhoudsbeurt nodig na 6 dagen in modder en stof rijden. Kon ik mooi op de binnenplaats doen van het hotel waar ik belangstelling kreeg van een van de bewoners die daar in een ger huizen. ’s Middags nog wat rondgefietst door Ulaangom, hoofdstad van een van de 22 provincies in Mongolië met 20.000 inwoners. Op sommige plaatsen was het een drukte van belang en werden er formulieren in gevuld. Naar ik vernam zou het om regionale verkiezingen gaan. Verder voorbereiden op de komende week. Over 7 dagen pas weer rustdag. Wel over drie dagen grens over naar Rusland. Dat zal wel een halve rustdag betekenen want je blijkt er minimaal 4 uur voor te moeten uittrekken.

10 juni – Stage 23: Desert Camp – Ulaangom (87 km)

Dit wordt de zesde dag dat we fietsen en morgen een rustdag in Ulaangom. Niet echt lang geslapen omdat het ’s avonds tevoren om 23.00 uur nog 30° was in mijn tent. Het tentje staat wel wankel en vertoont allerlei gebreken. Toch nog bruikbaar. Gelet op de relatief korte stage hoop ik rond de middag in Ulaangom te zijn. Misschien had ik dat niet moeten hopen want je onderschat daarmee de te overbruggen afstand. Er staat een behoorlijke wind. De weg valt mee. De route is eindeloos. Links heel ver weg bergen en rechts ver weg een meer. Voor je zie je niets anders dan een weg waarvan je 50 km lang niet kunt zien waar die naar toe gaat. Na 40 km wordt de weg onberijdbaar en dat tot de lunch op 65 km. Ik kom tot de conclusie dat ik nog zelden zo lang op zulke slechte weg heb gereden. Meestal vind je ergens wel een vlakker stukje. De weg was vaak 50 meter breed zonder een fietsbaar stuk. Misschien had ik de dag te licht opgevat maar ook anderen hadden dat stuk vervloekt. Na de lunch bereiken we na zes dagen weer asfalt. Nog 15 km wat op en neer en uiteindelijk rond 14.00uur in Ulaangom. Daar is wel een vrij nieuw hotel. Ik blijk met 3 anderen op een kamer te zijn ingedeeld. Dat is mij wat te onrustig en krap. Iedereen heeft al zijn bagage ook nog bij zich. Lonely Planet bracht uitkomst en ik heb op paar honderd meter afstand intrek in ander hotel genomen. Meteen maar begonnen met fiets poetsen en wasjes doen. Kreeg ook nog een ijzerzaag te pakken om mijn tentstok in te korten.

9 juni – Stage 22: Baruunturuun – Desert Camp (100 km)

Een rustige nacht met weinig wind waarin mijn tent is blijven staan. De rit van vandaag is met 25 km ingekort omdat de staf ook in de gaten heeft dat ritten boven 100km off road teveel gevraagd is voor velen. Al vrij snel komen we voor een riviertje te staan. Aanvankelijk denk ik dat we een verkeerde route hebben maar aan de overkant hangt een oranje lint en de weg gaat er verder.  Meestal probeer ik er fietsend door te komen. Dit is wel erg breed. Halverwege op een steen rijden en omvallen is een reëel gevaar. Mijn waterdichte sokken komen weer goed van pas. Op een been in het water en de andere op de trapper kom ik er zonder natte voeten door. Mijn fietsgezel trapt halverwege de rivier de ketting eraf en staat met beide voeten tot ver over zijn enkels in het water. In de loop van de dag komen we nog een paar wat smallere riviertjes tegen waar we moeiteloos door heen rijden. Toch telkens spannend hoe diep het is en of er geen grote stenen dwars liggen.

De eerste 40 km gaan voor de wind en de weg is heel goed berijdbaar. Als dat zo door gaat had de etappe niet ingekort hoeven te worden. Dat wordt heel anders als we weer in het mulle zand  belanden. Veel lopen want er is geen doorkomen aan. We zijn ondertussen in een totaal ander landschap beland en wel in een woestijn met veel zand en zelfs zandduinen waarover we heen moeten ploegen. De een is handiger in het rijden in zand dan de ander. Uiteindelijk valt het lopen mee. Na de lunch aan een meer met veel vliegen komen we in uitgestrekte woestijnvlakte waar je het einde niet kunt zien. Alsof je op zee bent. Schitterende omgeving maar de weg is zeer moeilijk berijdbaar. Telkens verandert de kwaliteit en het is technisch moeilijk te berijden. Telkens wordt je helemaal door elkaar geschud. Toch fijn dat de rit werd ingekort. Nog altijd 6.5 uur gefietst. Wel al om 14.00 uur op campsite waar het zeer warm is en dat ook lang blijft.

8 juni – Stage 21: Tes – Baruunturuun (110 km)

Net toen ik alles in mijn tent georganiseerd had en wilde gaan slapen stak er een harde wind  op. Deze werd steeds harder en hoewel ik ’s middags mijn tent met de kop in de wind had gezet kwam de storm nu schuin op mijn tent. Eerst hield ik met mijn handen de het tentdoek tegen want ik was bang dat hij plat zou gaan. Het werd steeds heviger. Maar even buiten gaan kijken of alles vast zat. Een enkel touw zat los. Het vastmaken daarvan hielp niet veel en ik probeerde de tentstok aan een touw overeind te houden. Ook dat hielp niet en de tent ging plat. Op de hele campsite was er van alles aan de gang om tenten overeind te houden of af te breken zoals de grote tent van de organisatie.  Gelukkig regende het nog niet en koud was het ook niet. Ik ben maar begonnen met me aan te kleden en mijn spullen in veiligheid te brengen. Met moeite kon ik die vanuit de plat geslagen binnentent krijgen. Gelukkig een waterdichte tas. Ik ben in een van de busjes gaan zitten want het was ook gaan regenen. Diverse tenten waren niet meer bruikbaar. De organisatie had ondertussen slaapruimte geregeld in nabijgelegen Tes. Daar heb ik ook maar gebruik van gemaakt. Mijn matrasje kon ik nog net meenemen uit mijn tent en mijn slaapzak had ik al. Miste alleen mijn hoofdlampje. Dat was wel lastig omdat er in de geregelde slaapruimte geen licht was. We lagen of op een soort bed of op eigen matrasje. Het was ondertussen wel 24.00 uur geweest. Ontbijt werd uur later gepland. Veel heb ik niet geslapen. Toen we de volgende ochtend om kwart over zeven aankwamen leek alles weer normaal. Mijn tent was weer wat overeind gekomen en alleen de stokken waren krom maar niet gebroken.

De Hilleberg tenten van de Zweden leken nergens last van te hebben. De storm had 3 uur geduurd en zou windsnelheden hebben van 100km per uur volgens Canadese kenners. Er moest wel weer gewoon gefietst worden zij het een uurtje later. Snel mijn tent afgebroken, me omgekleed, bord pap naar binnengewerkt en iets voor achten op de fiets. Beetje onwerkelijk allemaal en wat werktuigelijk aan het fietsen in de hoop op tijd op campsite te zijn om te zien of tent nog bruikbaar was. Eerste 50 km knap moeilijk door veel mul zand. Echt goed op weg blijven letten. Na lunch werd het stuk beter berijdbaar en om 16.00 uur op campsite. Toch weer ruim zeven uur gefietst. Helaas in laatste stuk mijn knie nog kapotgevallen omdat voorwiel in gat in de weg weggleed. Het goede nieuws is dat ik met wat buigen van de stokken mijn tent weer gewoon kon opzetten.

Categorieën: Uncategorized | Een reactie plaatsen

Zes dagen onverhard – halverwege

7 juni – Stage 20: River Camp – Tes (124 km)

We hebben een pittig dagje voor de boeg en krijgen zelfs advies om maar halve dag te fietsen. Daar ben ik niet voor gekomen. Zoals gebruikelijk snel ontbijten. Met 8° mooie temperatuur om te beginnen. Tent droog kunnen inpakken. Tot de lunch op 72 km schiet het redelijk op ook al hebben we daar vier uur voor nodig. Ik ben hard aan de lunch toe en ben door mijn reserveproviand heen.

Na de lunch begint het echte werk en wel mul zand. Je kunt er op de meest onverwachte momenten in terecht komen en dan volledig stuurloos raken. Bovendien moet er behoorlijk geklommen en gedaald worden. Gisteren zou ik hebben gezegd dat de wasbord wegen het ergste zijn omdat je volledig door elkaar wordt geschud. Het mulle zand is nog erger want je komt niet verder of raakt stuurloos. Telkens probeer je het beste spoor te vinden en te wisselen van spoor. Tussen de sporen zit vaak een hoge rand en die is mij drie keer vandaag fataal geworden. Daarnaast nog twee keer van fiets gevallen omdat ik mijn schoenen niet snel genoeg uitgeklikt kon krijgen van pedalen. Met de schade viel het allemaal wel mee. De laatste 20 km was de weg weer erbarmelijk.  Om iets over 16.00 uur kwam ik met Erwin binnen. Er waren er nog maar een paar op de fiets binnengekomen en een heleboel anderen die een halve dag hadden gefietst of helemaal niet. 125 km off road met de weg condities van vandaag is eigenlijk gewoonteveel. Honderd km zou maximum moeten zijn. Ik schat dat er vandaag niet meer dan 12 zijn binnen zijn gekomen. Ik had nog net tijd om me te wassen en in nabijgelegen plaatsje Tes wat drank en snacks in te slaan.

6 juni – Stage 19: Sarga – River Camp (113 km)

Omdat het om zes uur nog redelijk donker is en het ’s avonds om elf uur nog licht is, heeft men besloten een half uur later te  ontbijten. Iets langer slapen vandaag dus. Als ik om 21.00 uur in mijn tent lig om te gaan slapen is het nog warm en laat ik het gaas en doek van de binnentent open. In de nacht voel ik wel kou en ben ik blij met mijn slaapzak die ik overigens niet echt dicht heb. Kom ook niet op het idee wat hem meer dicht te doen. Het blijkt dat het wel erg koud is geworden. Als ik opsta staat het ijs op de tent. De grote snelle temperatuur wisselingen moet ik nog steeds aan wennen. Door de vorige keer wijs geworden pak ik nu alles in met mijn waterdichte handschoenen. Beetje onhandig om alles goed vast te pakken, maar het lukt en ik houd warme handen.

Dat wordt anders als we op de fiets vertrekken. De eerste twee uur heb ik behoorlijk koude handen, maar gelukkig is het droog en de zon schijnt en de omgeving is schitterend. We fietsen op 1700 tot 1800 meter hoogte dus niet zo gek dat het koud is. Tot de lunch is het net als gisteren. Eerst een stuk klimmen en denken dat je top heb bereikt maar dan ligt er verderop al weer nieuwe top nadat je wel eerst beetje afdaalt. Wel tot tien keer toe. Af en toe een riviertje over en mijn waterdichte sokken komen goed van pas. We komen veel kuddes tegen van schapen, geiten en paarden en jaks. Je vraagt je af van wie al die dieren zijn en hoe men dat uit elkaar houdt. In een van de kuddes lopen heel veel dieren met oranjestrikjes in de horens. Precies dezelfde oranjelinten die de organisatie gebruikt om de route aan te geven. Gelukkig hoeven we de kudde niet te volgen.

Na de lunch zou het meeste klimwerk zijn gedaan (900 meters vandaag). De weg wordt evenwel slechter met veel los zand. Dan is het oppassen daarin niet te blijven hangen en de macht over stuur te verliezen. Na ruim zeven uur fietsen kom ik om 15.00 uur aan op een schitterende campsite aan een rivier. Zo afgelegen dat er geen enkele telefonische verbinding is. Als ik mijn tent uitpak zit het ijs er nog net zo in als ik het vanmorgen heb ingerold. Dat is snel weg omdat het ondertussen 30°is.

5 juni – Stage 18: Mörön – Sarga (123 km)

Na een rustdag is de riders meeting altijd voor het ontbijt. Eerst een toelichting op de route en wat mededelingen. We krijgen te horen dat een plastic zak met banden twee dagen geleden van het dak van een van de busjes is gewaaid. Dat is voor de mensen met banden die opgevouwen kunnen worden vervelend en in het bijzonder voor mij want ik had er drie paar inzitten. Gelukkig heb ik de dikke banden er op zitten die bedoeld zijn voor de onverharde wegen. Met die dikkere banden kan ik ook wel op asfalt rijden. In elk geval heb ik die dikke banden voorlopig hard nodig want de eerste zes dagen zien we geen asfalt.

Na ontbijt vertrokken. De temperatuur is rond 10° en de verwachting is dat het droog blijft dus mijn waterdichte handschoenen maar in de tas gedaan. Na een half uur al blijkt die verwachting niet uit te komen en gaat het regenen en daalt de temperatuur een paar graden. De weg is afwisselend slecht tot heel slecht. Het is bijna niet uit te leggen hoe afwisselend slecht de weg kan zijn. Je moet constant opletten dat je niet over een grote steen rijdt en telkens de beste route proberen te zoeken. Na drie uur begint het weer van regen in bewolkt over te gaan. Dat helpt nog niet om mijn steenkoude handen warm te krijgen. Af en toe een stevige klim zelfs zodanig dat iedereen daar van de fiets moet. Het helpt wel om het warm te krijgen. Vlak voor de lunch neem ik net een verkeerd spoor waardoor mijn voorwiel wegglijdt en ik onderuit ga. Gelukkig geen schade, noch aan mijn fiets noch aan mijzelf.

Op 70 km lunch, zelfs binnen in een soort mongools cafetariaatje. Fijn om weer warm te worden. Na de lunch breekt de zon zelfs door en stijgt de temperatuur naar boven de 20° ondanks dat we op 1500 meter hoogte zitten. Dat is overigens niet genoeg want we moeten een pas over van 2000 meter. Het klimwerk is vooral na de lunch. Wel vier keer dacht ik op het hoogste punt te zijn, terwijl er daarna eerst een lichte afdaling volgde met weer een verdere stijging. Proef voor mentale hardheid. De laatste 20 km licht naar beneden en wind in de rug dit keer. Een zeer pittige dag van 8.5 uur fietsen. Ik was rond half vier met Erwin als vierde binnen. De laatste kwam na 7 uur binnen en een grote groep was al ingestapt in een van de busjes. Tot nu niets over omgeving gezegd maar die heb ik wel gezien ondanks dat je echt goed op de weg moest letten. Voor de lunch in de regen was er minder te zien maar daarna in een schitterende weidse omgeving gefietst. Ook de plek waar ik nu sta met mijn tent is fantastisch. Ik zie een dorp liggen dat vlakbij lijkt maar 5 km verderop is.

4 juni – Rustdag: Mörön 

Zo’n rustdag begint met wat uitslapen en rustig ontbijten. Het ontbijt zou om 08.00uur zijn maar er staat dan nog maar weinig klaar. De hongerige fietsers beginnen alvast met wat er staat zoals taart en droog brood. Wat later komt het beleg zoals gebakken eieren en spek toch ook. Te weinig geduld gehad. Mijn fiets heeft verder wat onderhoud nodig en ik moet mijn zadelpen vervangen voor een die nog meer schokken kan opvangen want de komende 6 dagen geen asfalt. Er is een mogelijkheid om een groot meer te bekijken. Dat is wel een paar uur in een busje hobbelen en daar zie ik maar vanaf. In de stad is niet echt veel te beleven. Bovendien is het rondlopen als voetganger levensgevaarlijk. Ook al loop je over een zebra daar trekt men zich hier niets van aan. De auto eist absolute voorrang op. Zelfs op het trottoir ben je niet veilig. Het hotel waar we verblijven heet 50°/100°Hotel. Dit slaat op het feit dat het hotel is gelegen op de 50e breedtegraad en de 100e lengtegraad. Bijzondere plaats dus.

Categorieën: Uncategorized | Een reactie plaatsen

Nog meer stories uit de steppe

3 juni – Stage 17: Valley Camp – Mörön  (83 km)

Een gedenkwaardige dag want mijn vader zou 104 zijn geworden als hij niet 18 jaar geleden was overleden. Op deze tocht verbaast men er zich over dat ik dit jaar 70 wordt. Ik moet het soms met identiteitsbewijs aantonen. Men vraagt dan wel eens hoe oud mijn vader is geworden. Alsof dat een garantie is voor bereiken van een hoge leeftijd nog los van de vraag of je daar zo naar uit moet kijken. Het moet een keer ophouden. De dag begint bewolkt en met het inpakken van nog natte tent. De afgelopen twee dagen hebben we wat meer kilometers afgelegd dan de geplande 115 zodat we nu een korte etappe hebben en vroeg in het hotel kunnen zijn. Morgen na 6 dagen fietsen een rustdag in Mörön. Voor de eerste 60 km hebben we toch nog 3 uur nodig want er moeten 800 hoogtemeters worden overwonnen. Daarna bijna 20 km afdalen waarbij de snelheid naar 60km per uur oploopt in het begin en daarna met 40 km per uur uitpeddelen naar Mörön. Een plaats met 35.000 inwoners en stoplichten. Een paar doorgaande wegen geasfalteerd en de rest zandwegen. Een prima hotel waar ik al voor half elf arriveer. Zo heb je bijna twee rustdagen. Ik deel dit keer een kamer met Erwin. De staf maakt de indeling. Tot nu toe heb ik de hotelkamer gedeeld met Richard, een Ier helemaal uit Tipperary en voormalig wiskundeleraar. Fijne engelse humor. Hij is een half jaar ouder dan ik en heeft al veel andere tochten gefietst. Het is altijd afwachten met wie je een kamer deelt en hopelijk niet met iemand die snurkt, hoewel Richard daar niet helemaal vrij van was. Sommigen willen per se een kamer met elkaar delen en dat wordt meestal gerespecteerd. We hebben het geluk dat we een kamer voor 3  personen met zijn tweeën hebben. In dit geval betekent dat een extra kamer.

’s Middags ben ik eens op zoek gegaan naar een opvouwbare campingstoel. Een ding op deze tocht is slecht geregeld en dat zijn de stoelen. Het zijn niet meer dan visserskrukjes waarvan de poten overal in de grond wegzakken zonder enige steun in de rug. Op de vorige tochten in Afrika was dat veel beter geregeld. Hoewel de organisatie schrijft dat het overbodig is een stoel mee te nemen omdat er goede zijn, is dat in dit geval onjuist. In de Lonely Planet zag ik dat je voor zoiets op de markt moet zijn en dat was 20 minuten lopen. Uiteindelijk voor weinig geld er een gevonden. Neemt wel wat ruimte in beslag en doet een aanval op mijn 2 tassen strategie maar dan moet er maar iets anders voor wijken.

2 juni – Stage 16: River Camp Hutag – Valley Camp (135 km)

Nog lang onrustig in en rond hotel vanwege veel onrustige kinderen. Van baby’s tot pubers. Althans tot 23.00 uur en dat is voor mij laat als je om 05.00uur op moet. Op de campsite was het nog veel langer onrustig omdat er in een daar aanwezig restaurant een bruiloft werd gevierd. Na een bordje muesli maar op de fiets. Als we vertrekken is het nog maar 8° en dat blijft de eerste twee uur zo. Niet zo erg want we beginnen meteen met het nodige klimwerk. Het blijft vreemd dat het in de ochtend zo koud is en in de middag meer dan 30°. Dat zal vandaag ook het geval blijken te zijn. We verblijven de laatste week constant boven de1000 meter hoogte. Vandaag naar een top van 1600 meter en dan afdalen naar de lunch op 80 km. We zitten dan al wel bijna 4 uur op de fiets en het bordje muesli was daar niet genoeg voor. De lunch had ik hard nodig. Na de lunch is het behoorlijk warm aan het worden. Onderweg nog ergens gestopt om wat te drinken. Je wijst aan wat je wilt hebben en op een rekenmachientje laat men zien wat je moet betalen. Zo werkt de communicatie.

Al om 13.30 uur op de campsite die bezaaid is met afgekloven botten poten en karkassen. Er blijken veel gieren rond te cirkelen en degenen die als eerste aankwamen zagen ze nog aan het werk. Als ik ’s middags in mijn tentje even wil uitrusten is het er 43°. Je transpireert harder van een dutje doen dan van het fietsen tegen een berg op. Terwijl ik mijn verslagje aan het maken ben steekt er een enorme wind op, maar net van een andere kant dan ’s middags toen ik mijn tent opzette. Gauw de andere tent opening gebruiken want mijn tent wordt bijna de lucht ingeblazen. Er volgt een mooi onweer en veel regen. Op alle mogelijke plaatsen mijn tent vastgezet en ondanks dat de wind vol tegen de zijkant blaast blijft ie netjes staan. Wel wat water hier en daar maar binnentent blijft droog. ’s Nachts wordt ik eerst wakker van een kudde schapen die langs mijn tent komt en daarna van iemand op een motor. Die hoor ik in de verte met de Zweed Per een praatje maken. Als ik een kijkje ga nemen komt de motorrijder ook naar mij toe omdat ik een lichtje aan heb. Hij maakte met gebaren duidelijk dat hij drank wilde hebben. Met andere gebaren maakte ik duidelijk dat ik die niet had voor hem en heb hen goedendag gezegd en na wat aarzelen ging hij weer op zijn motor weg. Per kwam redelijk in paniek naar mij toe en wilde de staf er bij halen omdat de agressief zou zijn. Ik heb er weinig van gemerkt. In mijn vak wel vaker met wat moeilijker cliënten te maken gehad. Ik ben weer gaan slapen en Per heeft zijn tentje midden in de nacht 10 meter verplaatst vlak bij andere tent. De bewoner daarvan bleek daar niet echt blij mee.

1 juni – Stage 15: Bulgan – River Camp Hutag (127 km)

Een bijzondere dag want Marjet is jarig en ik ben er niet bij. Dat is in de bijna 44 jaar dat we getrouwd zijn nog niet voorgekomen. Een van de eerste zinnetjes die ik jaren geleden leerde in een opfriscursus engels was: ” Don’t forget your wifes birthday”. Dat zal ik niet doen. In de vroege nog bewolkte ochtend verlaten we de campsite waar de honden in de nacht veel uit te vechten hadden met elkaar. Ik heb er redelijk om geslapen maar anderen was het slechter vergaan. De eerste 60 km is er redelijk wat klimwerk te verrichten (900  meters omhoog) tot we op 1700 meter hoogte de Uran Toogo pas bereiken. Iets verderop is de lunch en daarna is het in feite een lange langzame afdaling met af en toe iets omhoog naar de River campsite op 127 km aan de rivier de Selenge Mörön.

Daar was een heuse camping en zelfs een hotel. Gelet op de feestelijke dag vandaag leek me dat een goede gelegenheid om gebruik van te maken. Bovendien beschikking over WiFi. We kunnen dus niet meer zonder. Het landschap was in de loop van de dag wat veranderd. Van uitgestrekte groene vlaktes met glooiende bergen nu meer lijkend op een Frans alpenlandschap. Het hotel lijkt meer een kindervakantiekolonie met ouders en begeleiders. Toch redelijk rustig op het laatst. In het hotel is er niemand die iets engels spreekt.

Voor de engelstaligen heel lastig want ze zijn niet gewend om de lonely planet er bij te nemen waarin achterin de nodige woorden en zinnen in het Mongools staan vertaald. Harder praten in het engels bleek niet te helpen.

Categorieën: Uncategorized | Een reactie plaatsen

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.