Homebound

Do 22 juni: Calgary – Amsterdam

We overnachten weer in een Travelodge zoals in Prince George. De hotelkamers zijn prima en wat ruimer zodat we alle bagage kunnen inpakken. Dat vraagt wat gokwerk want een weegschaal is er niet en mijn tas mag niet meer dan 23 kg wegen en mijn fietsdoos ook niet. Het ontbijt is weer troosteloos met plastic bestek en elk ding verpakt in plastic. Net als we alle spullen beneden gedropt hebben en van iedereen afscheid hebben genomen staat de taxi nu een kwartier eerder en wel om 09.00 uur. Hoewel ik pas om half vier ga vliegen ga ik met Lieke mee die om half twaalf naar Vancouver vertrekt. Het is een taxi voor invalidenvervoer waar de fietsdozen en overige bagage maar net inpast. Lieke moet haar fietsdoos helemaal uitpakken omdat de scan niet groot genoeg is om de doos er doorheen te krijgen. Na afscheid te hebben genomen van Lieke ga ik naar de vertrekhal voor internationale vluchten die er schitterend uitziet en ook nog maar 8 maanden oud is. Daar heeft men wel een scan waar mijn veel grotere fietsdoos ongehinderd door kan. Nog 3 uur wachten en terug naar tropisch Nederland.

Een prachtige fietstocht gemaakt met Lieke. Meer dan de moeite waard ook al was het een koude periode. Ik denk dat Canada te groot is om in één zomer met redelijk warm weer doorheen te fietsen. In de eerste weken van juni is het in het gebied waar wij hebben gefietst gewoon nog te koud om te fietsen. Ik vraag me af of de TDA deze tocht nog ooit weer organiseert. Desondanks een fantastisch gebeuren.

Wo 21 juni: Banf – Calgary (133 km)

Zoals gebruikelijk een koude nacht. Dat slaapt goed als je een goede uitrusting hebt. Wel een heel natte tent inpakken. De zandgrond waar de tent op stond maakt het nog viezer. Voorlopig hou ik het kamperen in de kou wel voor gezien. Vandaag nog 133km naar Calgary. Als we vertrekken nog prachtig uitzicht op Banf. Ook de laatste dag een koude start met 3 graden. Uiteindelijk zal het 14 graden worden met een heel straffe wind na de lunch. Nu eens rugwind. Een meevaller op laatste fietsdag. Na 45 km staan Wayne en Tracey met zelfgebakken koekjes ons te verwennen. Het zijn oud tda rijders die hier in de buurt wonen en met wie ik in 2013 in Afrika heb gefietst van Nairobi naar Victoria Falls. Een bijzonder weerzien.

Bij de lunch af en toe zon. De harde wind maakt het toch onaangenaam. We hebben ondertussen de Rockies verlaten en het wordt veel vlakker ook al hebben we nog wel een keer een fikse klim. Vandaag voor het eerst dat we over een fietspad rijden 20 km lang en daarna eens niet over een highway. Vanaf 15 km voor Calgary wordt de route echt ingewikkeld met heel veel aanwijzingen en zoeken naar de oranjelinten die ons de weg moeten wijzen. Er zijn hier en daar wegwerkzaamheden waarbij heel veel oranjelinten worden gebruikt. Dat maakt het er niet gemakkelijker op.

Het is allemaal bedoeld om ons uit de verkeersdrukte te houden. Max de tourleider blijkt er op zijn fiets meer dan 3 uur over te hebben gedaan om de route uit te zetten. Op veel plaatsen kun je niet met de auto komen. We rijden met zijn drieën en Lieke blijkt zeer handig in het vinden van de route. Om 13.30 uur in het hotel vlak bij de universiteit. Meteen met het inpakken van de bagage begonnen. Eerst tent uitpakken en laten drogen. De stormachtige wind en de zon drogen tent goed. Daarna fiets weer in de doos die ik ook op de heenweg had. Om half zeven met zijn allen in taxi’s en tda Vans naar restaurant voor afscheidsmaaltijd. Die rit gaf mij ook gelegenheid iets van Calgary te zien. Ik associeerde Calgary alleen met de ijsbaan daar maar het is indrukwekkend grote stad met meer dan miljoen inwoners.

Advertisements
Categories: Uncategorized | 1 Comment

Zwarte-, Grizzly- en Brum/brom-beren op de weg!

Di 20 juni: Mosquito Creek – Banf (89km)

We zitten nog steeds op 1800 meter hoogte. Als ik s’nachts even naar buiten ga dan valt er zelfs wat dunne natte sneeuw. Dat doet me mede besluiten niet opnieuw in kou en regen te starten maar met de dinnervan meteen naar Banf mee te rijden en een golfbaan te zoeken. Die moet vergelijkbaar zijn met die van Jasper. Goed heb ik niet geslapen. We lagen met 7 man op een slaapzaaltje. Niet alle snurkers waren in het goede slaapzaaltje  terecht gekomen .

Als laatste vertrokken in de dinnervan. Koud maar mooi weer. Alle rijders passeren we achtereenvolgens. Er is nog een uitstapje van 12 km mogelijk om Lake Louise te bewonderen. In de van doen wij dat ook evenals busladingen vol toeristen en dat om half negen in de ochtend. Bij de lunchvan die altijd als eerste vertrekt wordt geholpen met klaarmaken van de lunch die we zelf ook meteen gebruiken. Al voor half elf in Banf waar het stralend weer is. Op mijn fiets ben ik voor elf uur op de golfbaan die schitterend is gelegen. Drie jaar geleden had ik die vanaf Sulphur Mountain zien liggen en het leek me schitterend hier te spelen. Dat heb ik dan ook gedaan en het was een unieke ervaring. Met name de holes met hoogteverschillen. Tegen half vijf op camping en tentje snel opgezet. Na het eten begint het te regenen. Hopelijk houdt het tijdig voor morgen op. De laatste nacht op deze toer wordt in stijl afgesloten.

Ma 19 juni: Wilcox – Mosquito Creek (99km)

Een koude nacht maar mijn slaapzak kan het goed aan. In de ochtend net boven nul graden. De warmste uitrusting is geboden. We beginnen met eerst 4 km wat klimmen om warm te worden en dan 15 km afdalen. Steenkoud. Ik waan me op wintersport met al die besneeuwde bergen om me heen. Gelukkig is het maandag en nog niet veel campers met toeristen om ons heen. De weg heeft om de paar meter gleuven en het lijkt wel off road. Ik kom tot de conclusie dat Canada geen fietsland is. Een land alleen voor auto’s. We hebben 1500 km alleen op een highway gefietst. En dan heb je op deze Icefield Parkway nergens een mogelijkheid  te bellen of te whatsappen. Nergens verbinding 300km lang. In Afrika is het beter geregeld.

Na een pittige klim op 67 km bij de lunch. Ik heb het nog steeds koud. Wind tegen en warmer dan 10 graden wil het niet worden. Het lijkt soms te gaan regenen. Slechts af en toe een beetje. Na de lunch geniet ik wat meer van de omgeving. Ik moet me gelukkig prijzen dat ik hier samen met Lieke kan fietsen en dat vergoedt alles. We zijn al vroeg in de middag op onze bestemming. Een hostel met 3 slaapzaaltjes. Een voor vrouwen en een voor mannen en een voor snurkers. Afwachten of alle snurkers er ook naar toe gaan. Het hostel heeft geen elektriciteit en geen werkende wifi. Wel gezellig. Mijn tijd kom ik verder door met wat te schaken. Er zijn meer schaakliefhebbers en dat komt goed uit. Enige consternatie ontstaat er als vlakbij een grizzlybeer wordt gesignaleerd. De beheerster van het hostel waarschuwt een ranger. Die probeert de beer met een spray te verjagen maar helaas spuit hij zichzelf in de ogen. Klaarblijkelijk schrikt ook de beer daarvan en vertrekt.

Zo 18 juni: Jasper – Wilcox (108km)

Na 2 rustdagen tijd om weer te gaan fietsen. In de ochtend is het net boven nul graden. Ik ben er op voorbereid. Ook op regen. Voor het ontbijt om 07.00 uur eerst een ridersmeeting. De afstand lijkt niet ver maar meer dan 1400 meter klimmen en niet veel meer dan 400 meter afdalen maakt het toch pittig. We rijden over de Icefield Parkway met prachtig uitzicht op veel besneeuwde bergen en op gletsjers. Het is een topic want heel veel auto’s en bussen op de weg. Het blijft fris en bewolkt en ook regenkleding blijkt nodig.

Na 50 km een koffieshop. Onderweg op 5 meter afstand net achter de vangrail een grote zwarte beer. Gelukkig vindt hij ons niet i interessant maar ik schrik er wel even van. Normaal hoor je geloof ik geluid te maken maar dat vergeet ik. Snel er voorbij. Naderhand op grotere afstand van de weg nog een grizzlybeer. Die is ver genoeg weg.

Na ruim 70 km wanneer we al drie en half uur hebben gefietst, duikt de lunchtruc op. Af en toe schijnt zelfs de zon. Nog haalt het de 10 graden niet. Na de lunch begint het echte klimwerk. Vijf kilometer meer dan 9%. De uitzichten zijn adembenemend. Dat hebben veel meer toeristen ontdekt. Ik herinner me dat ik 3 jaar geleden hier ook ben geweest dus een heleboel foto’s heb ik al. Rond twee uur op de camping waar de faciliteiten minimaal zijn, het uitzicht grandioos en er bovendien geen muggen zijn. We zitten immers boven de 2000 meter. Dus wel koud.

Za 17 juni: 2e Rustdag in Jasper

Een groot aantal van ons heeft geboekt voor een rafting. Leek mij niet zo aantrekkelijk om nat te worden bij temperaturen onder 10 graden ook al ben je er op gekleed. Ik heb mijn fiets gepakt om de golfbaan te bekijken. Een paar kilometer ervoor zie ik een vijftal fietsers stilstaan. Ze waarschuwen me dat 100 meter verderop een grizzlybeer met 2 jongen zit. Ze zijn goed waar te nemen en maken geen aanstalten te vertrekken. Na 10 minuten wachten draaien de fietsers om. Ze hebben wel een luidspreker met muziek op een bagagedrager maar die werkt alleen bij zwarte beren. Ik draai ook maar om en realiseer me dat het berengevaar groter is dan ik had vermoed. Zeker als je op een fiets rijdt. Na zeker 10km omrijden kom ik toch bij de golfbaan. Ik vraag maar eens of ik kan spelen en zowaar begint er om 14.00 uur een wedstrijd waar ik aan mee kan doen. Er wordt op alle holes tegelijkertijd gestart en ik wordt op hole 16 ingedeeld. Omdat het nog maar 11.00 uur is alle tijd om in te slaan.

Ik weet dat ik op een fietstocht niet over golfen moet uitweiden en omgekeerd maar ik heb nog nooit op zo’n prachtige baan gespeeld. De organisatie was bijzonder en de baan lag er fantastisch bij in schitterende omgeving. Mooiste baan waar ik ooit heb gespeeld maar ik speel ook nog niet zo lang. Om half acht pas terug en daarna door Lieke getrakteerd vanwege vaderdag. Een dag om niet snel te vergeten.

Categories: Uncategorized | Leave a comment

Rockies in zicht!

Vr 16 juni: Extra rustdag in Jasper

Meer dan 10 uur geslapen en dat moet wel een jaar geleden zijn dat ik dat voor het laatst deed. We zitten met ons hotel aan de buitenkant van Jasper en voor het ontbijt weet Lieke een leuk adres in Jasper. Wel een eindje lopen. Ondertussen kan ik echt wakker worden. De bakkerij waar we zitten voor een broodje en koffie heeft heel veel aanloop. De rij staat bijna buiten. Daarna shoppen voor betere regenkleding, polypreen handschoenen, regenbroek en echte regenjas. Outdoor winkels in overvloed. Hopelijk heb ik ze niet nodig. Tegen 11.00 uur komt de TDA-Van aan en hebben we weer de beschikking over onze tassen. Eerst tentje drogen op de parkeerplaats. Ook overige rijders komen na een tijdje binnen. Er is wel af en toe een buitje maar het weer valt mee. Ik probeer voor de volgende dag een golftijd te reserveren maar helaas is er een toernooi. Dan maar naar de US Open kijken op televisie.

Do 15 juni: McBride – Mt Robson – Jasper (167km)

In de avond en nacht behoorlijk wat regenval. Het gesnurk hoor je dan ook minder. Wel een heel natte tent inpakken. Wilma de kokkin heeft een heerlijke porridge met veel fruit gemaakt.Het lijkt een normale fietsdag te worden : droog, 7° en wind tegen. De omgeving waarin we fietsen is schitterend met prachtige uitzichten op besneeuwde bergen en niet zoveel verkeer. Wel heb ik me aangeleerd om niet meer op de rijbaan te fietsen maar uitsluitend aan de zijkanten die meestal redelijk breed zijn maar ook regelmatig met veel troep. Als er twee rijbanen zijn en dat is als de weg met meer dan 2% stijging omhoog gaat dan is de zijkant vaak te smal en kun je de rechterrijstrook wel gebruiken. Het blijft uitkijken. De tocht vandaag is gepland naar Mt Robson op 77km en de lunch is op 67km. Vlak daarvoor komen we bij het bordje met 1000 km. Die afstand hebben we op deze highway 16 al afgelegd.

Als we bij de lunch zijn stelt Lieke voor vandaag door te rijden naar Jasper bijna 90 km verderop. Daar moet ik me mentaal even op instellen. Het is nog vroeg en vandaag blijft het droog, terwijl er een koude nacht en regen wordt voorspeld. Alleen nog zien of ik in mijn fietstasje ook nog wat kleren mee kan nemen. Lieke heeft een rugzakje en ik krijg ook voldoende spullen mee. Mike wil ook mee. Nu eerst nagaan of er plaats is in het hotel waar we pas de volgende dag naar toe zouden gaan. Op camping is er geen bereik wel iets verderop bij informatiecentrum van Mt Robson waar we een schitterend zicht op hebben. Na ruim een half uur lukt het een kamer te reserveren en dus nu op pad voor nog eens bijna 90 km. De route is schitterend. Met 15 graden valt de temperatuur mee en hoewel ik voldoende regenkleding bij me heb zijn de eerste regendruppels niet welkom. Gelukkig zet de regen niet door. Als we na 50 km een pauze nemen worden we gewaarschuwd dat zich 400 meter verderop aan de rechterkant van de weg een aantal grizzlyberen bevinden. In de ochtend al een zwarte beer op 5 meter afstand gepasseerd. Gelukkig ging die snel de andere kant op toen Lieke mij op die beer attent maakte. De grizzlyberen hadden van meer voorbijgangers (in auto’s) belangstelling. Ik ben er aan de andere kant van de weg snel voorbijgereden. Een foto maken was er niet bij. 25 km voor Jasper verlaten we British Colombia en komen in Alberta. Er is een uur minder tijdsverschil. Binnen 4 uur hebben we Jasper bereikt via een mooie weg langs rivier en prachtige vergezichten met nodige klimwerk en tegenwind, maar wel droog. Het vergde nog enig geregel om de goede kamer te krijgen maar dat is Lieke wel toevertrouwd. Na het diner redelijk vermoeid snel mijn bed opgezocht.

Wo 14 juni: Purden Lake – Mc Bride (70km)

Vannacht even uit de tent en meteen 3 muggenbeten. Het afbreken van de tent is tevens een muggengevecht. Het begint Rusland op de Silkroute te benaderen. Het is mooi droog weer en volgens de voorspellingen blijft dat tot de avond zo. Een lange fietsdag van 155 km staat gepland. Als we na een paar km de highway 16 naar links opdraaien zien we rechts van ons toch heel donkere wolken. Met 9° is het niet te koud en we hebben weer wind mee. We hopen de regen voor te blijven. De weg is weer prima en bijna geen verkeer. Na 45km begint het te regenen en 10 km verderop begint het te gieten. Omdat het volgens de voorspellingen droog zou blijven hebben we alleen maar een regenjas bij ons. De temperatuur zakt naar 5° en als we na 70km bij de lunch aankomen zijn we volledig doorweekt en onderkoeld. Gelukkig is de dinnervan er nog die juist naar de eindbestemming van vandaag wil vertrekken. Geen moeilijke keuze om in te stappen. Onderweg nog bakken met regen. We overwegen in McBride een motel te nemen maar het is wat lastig om de bagage daar te krijgen en de volgende dag weer op camping 3 km verderop.

Als we op de camping aankomen zijn we nog steeds verkleumd. Wel wordt het droog en gaat er een waterig zonnetje schijnen, hetgeen ons doet besluiten toch onze tent maar op te zetten. In de middag McBride nog even bezocht en in de stationsrestauratie wat gedronken. Er komt daar 1x per dag een personentrein behalve op donderdag. De ene dag gaat de trein naar Jasper en de andere keer naar Prince Rupert.We waren net aanwezig bij de aankomst van de trein en de conducteur komt de stationsrestauratie nog binnen om te vertellen dat je moet instappen. Op de terugweg naar camping uiteraard weer wat regen.

Behalve wij hebben de meesten de dag toch uitgefietst maar komen wel na 16.00 verkleumd binnen. Mijn tentje staat al maar als een notoire snurker zijn tentje pal naast de mijne zet besluit ik toch maar mijn tent te verplaatsen. Er is immers ruimte genoeg. Na de nodige regen begint het wat op te klaren. Hopelijk goed voorteken voor morgen. De muggen hebben het vandaag sinds lange tijd eens laten afweten.

Di 13 juni: Prince George – Purden Lake (63km)

Lekker om weer te fietsen. Een kort ritje vandaag. Voor het ontbijt om 07.00 uur eerst de riders meeting. Over de route valt weinig anders te zeggen dan dat we highway 16 blijven volgen. Lieke en ik besluiten eerst om 09.00 uur te gaan shoppen in Prince George. Met de voorspelling dat het in Jasper -3° gaat worden lijkt me een wat warmer jack wel van belang. Zelf heeft Lieke in een outdoor shop al een warm jack gevonden. Het feit dat we dus later dan de groep vertrekken betekent wel dat we daar een verklaring voor moeten tekenen dat we dit op eigen verantwoordelijkheid doen omdat we daarmee de groep verlaten. Om 07.30 is iedereen weg en wij gaan ergens eerst echt ontbijten. Bovendien tijd om een nieuw horlogebandje voor mijn fitbit te zoeken. Deze heeft het begeven. Dat lukt bijzonder snel als Lieke bij je hebt. Om 09.15 stond ik al buiten de outdoor shop met een warm lichtgewicht jack.

Daarna snel op pad omdat we om 12.00 uur de lunch moeten halen. De route is prachtig en de weg is niet zo druk met verkeer als de laatste dagen. Bovendien zijn de zijkanten van de weg veel beter om te fietsen. Na 20km halen we de sweep in en vervolgens nog 4 anderen. Ruim voor 12.00 uur komen we op onze camping aan bij een prachtig meer. In de verte zien we al de besneeuwde toppen van de Rocky Mountains. Een aantal dapperen waaronder Lieke gaan nog zwemmen in het ijskoude meer. Daar kun je overigens het beste verblijven omdat daar aanzienlijk minder muggen je kunnen vinden dan bij je tent. Tot nu toe valt het niet mee met de muggen. Mijn tent is mijn veilige haven.

Categories: Uncategorized | 2 Comments

Ik zag twee beren…

Ma 12 juni: Rustdag Prince George

Vandaag uitslapen. 07.30 uur is dat voor ons. Het ontbijt in het hotel is werkelijk armzalig. Alleen al een kartonnen bord, plastic bestek en kartonnen bekers slaat alles. Ik wil niet over het eten klagen maar de entourage is abominabel. Het enige personeel dat nodig is, is iemand om de afvalbak tijdig te ledigen waarin alle plastic bestek is weggegooid. Lieke en ik beginnen met een wandeling door Prince George waar de straten heel breed zijn, er heel veel grote parkeerplaatsen zijn en veel grote vierkante gebouwen. Gelukkig vinden we op een heuvel nog een leuk parkje waar je een mooi zicht hebt op deze stad.

De middag heb ik gereserveerd om met Robbert te gaan golfen. We gaan op onze fiets want de golfbaan moet op zo’n 4 km van het hotel zijn. Na 20 minuten fietsen zitten we nog steeds op dezelfde afstand. Google Maps brengt uitkomst. Gebruik het toch maar ondanks dat ik van KPN een berichtje heb gehad dat ik inmiddels een aanzienlijke limiet heb overschreden. Was net op vliegtuigstand overgeschakeld. Heerlijk om weer eens te golfen. Prachtig weer, redelijke uitrusting en niet veel mensen voor of achter ons. Mooie middagbesteding.

Lieke had met aantal afgesproken samen ergens wat te eten. Toen na 10 minuten wachten nog niemand was komen opdagen maar samen ergens gedineerd. De stiptheid van het nakomen van afspraken ligt in elke cultuur weer anders. Daarna voorbereiding voor de volgende dag en het ordenen van alle spullen. Telkens weer de vraag – waar vind ik al mijn spullen weer terug?!

Zo 11juni: Vanderhoof – Prince George (100km)

We verheugen ons erop dat we na 9 dagen een rustdag hebben en 2 nachten in een hotel verblijven. Vandaag maar 100km. Als we gewoon doorfietsen kunnen we aan begin van de middag in het hotel zijn en kan ik de formule 1 race van Canada zien waaraan Max Verstappen meedoet. In de ochtend niet warmer dan 10 graden dus mijn winterhandschoenen maar weer aan ook al schakelt dat wat minder gemakkelijk. Geen regen en fijn weer wind mee. Dat scheelt heel veel. In totaal nog 800 hoogtemeters te overwinnen. De wind helpt ons daarbij een handje. Beren heb ik nog niet veel op mijn weg gezien. Vannacht er niet eens aan gedacht een aangebroken muesli reep uit mijn tent te verwijderen. Geen beer op bezoek gehad. Het lijkt wel mee te vallen met die beren. Net als ik dat bedenk ziet Lieke op 50 meter van de weg af een beer zitten. Zij stopt om een foto te maken maar mij lijkt het veiliger nog wat door te fietsen zeker omdat we bergop gaan, ook al weet ik niet of een beer een bergversnelling heeft. Als ik ver genoeg op afstand denk te zijn ga ik ook maar eens een foto maken. In ons heeft de beer geen interesse.

Na ruim 2.5 uur bij de lunch op 72 km. Ondertussen heb ik berekend dat de formule 1 wedstrijd van Canada in Montreal wordt verreden waar het 3 uur vroeger is. Die wedstrijd begint voor ons dus 11 uur. Ondanks dat we knap doorfietsen met ruim 27 km gemiddeld zijn we pas om 11.30 uur in het hotel. Helaas blijkt Max al te zijn uitgevallen. Einde tv kijken. Wel nog de hele middag om de was te doen en fiets te poetsen zodat we morgen echte rustdag hebben.

Za 10 juni: Burns Lake – Vanderhoof (146km)

Vandaag op weg naar een plaats die alleen de Nederlanders kunnen uitspreken. Het eerste waar ik ‘s ochtends naar kijk is of het droog is. Dat blijkt dit keer het geval. De voorspelling was dat er in de nacht zelfs sneeuw kon vallen. Gelukkig was dat niet het geval en waren er geen winterbanden nodig. Wel koud met 4°. In de ochtend blijft het nog lang koud en pas bij de lunch na 2.5 uur is het 10°. Uiteindelijk wordt het 15°. We rijden stevig door ondanks dat we in totaal bijna 1000m moeten klimmen. De grootste zegening vandaag is wind mee. Dat had ik lang niet meer meegemaakt en met een gemiddelde van meer dan 27 km per uur vliegen we naar Vanderhoof. Het landschap is niet indrukwekkend. Wel mooi uitzicht op een aantal meren. We rijden nu al bijna 700km op highway 16. In Sudan hebben ze maar één weg, maar in Canada is het niet anders. Verschil is wel dat meeste automobilisten goed rekening met je houden. Wel verwachten ze dat op een 2 tot 1 meter brede strook gaat rijden maar die ligt vaak vol stenen en rommel en met slecht asfalt. Met fietsers hebben de Canadezen niet veel ook al heb ik in het begin borden gezien dat je de weg ook met fietsers moet delen. Gelet op het aangehouden fietstempo vandaag is er van foto’s maken niet veel terecht gekomen. Morgen een nieuwe poging.

Vr 9 juni: Tthee Lake – Burns Lake (149km)

De hele nacht regen maar heb er wel goed om geslapen. Alleen vervelend als je je tent openlaat als je er ‘s nachts even uitgaat. Het houdt echt niet op met regenen dus alle warme kleding en regenkleding aan, want het is maar 4°. Lieke besluit na de lunch te starten. Eenmaal onderweg lijkt het met de kou mee te vallen. Na 20 km een klim van 10 km van 4 tot 6 procent. Als je boven bent ben ik lekker warm gedraaid en begint een afdaling naar beneden. Helaas is de temperatuur verder gedaald naar 2 gr. Ik krijg het bibber koud en het doet me denken aan een tocht op de Silkroute. Na 50 km koffie en een broodje en ik besluit niet verder dan 80km te fietsen tot de lunch. Het blijft regenen en er is redelijk wat verkeer zodat ik telkens de wegkant op moet waar de weg vaak heel slecht is. Voor de lunch 15 km vals plat omhoog. Als ik rond 11.30 uur bij lunchtruck arriveer blijkt Lieke met de andere Van te zijn meegegaan. Nu blijkt dat ik wel kan wachten bij lunch maar dat gaat een paar uur duren omdat eerst anderen worden opgehaald die na 50km zijn gestrand. Dan toch maar fietsen. Hoewel ik in de lunch truck wat opgewarmd ben besluit ik toch een lift te zoeken.

Na een half uur lang in de regen tevergeefs mijn duim te hebben opgestoken. Besluit ik terug te gaan naar de lunch truck. Als ik daar aankom steek ik mijn duim nog eens op en zowaar er stopt een pick up auto. Daar rijden er heel veel van hier. Ondanks dat er grote ramen met glas in de pick-up liggen mag ik er mijn fiets inleggen want het zijn hele sterke ramen. Gelukkig blijkt dat ook zo te zijn. Naast de bestuurder, bijrijder en een hond is er voor mij ook nog plaats. Ik kan mee tot Burns Lake en dan is het nog 18 km in de regen fietsen. Gelukkig is er door Lieke een huisje gereserveerd waar ik alle spullen kan drogen en zelfs kan douchen.

Categories: Uncategorized | Leave a comment

Echte fietswerk is begonnen

Do 8 juni: Ksan – Tyhee Lake (93km)

Vandaag een overzichtelijke afstand om te fietsen. Het is redelijk droog althans regenkleding hoeft net niet. We fietsen eerst 6 km terug en dat blijkt steiler dan ik de dag tevoren bij het afdalen heb ervaren. We moeten een ijzeren brug over die de Canadezen niet durven te fietsen. Wij dus wel. Op de higway 16 gaan we daarna gewoon weer verder. Deze blijkt de highway of tears te heten vanwege diverse ontvoeringen van vrouwen. Daar staan zelfs borden met waarschuwingen. Uiteraard verlies ik Lieke niet uit het oog.

De temperatuur is prima maar de beklimmingen doen wel een aanslag op de conditie. Er lijkt wat meer verkeer en we moeten aan de zijkanten van de weg blijven die vaak slecht zijn en vol rommel liggen. Als het echt naar beneden gaat nemen we wel de weg zelf. Overal waar we om ons heen kijken zien we besneeuwde bergen. 10 km voor de lunch komen we van de andere kant een fietser tegen die wel met ons een stukje mee wil fietsen. Hij woont in de buurt en traint zelf voor een lange tocht naar Halifax. Komt oorspronkelijk uit Schaesberg in Limburg maar spreekt geen woord Nederlands. Als we bij de lunchplek zijn is er nog een fietser en ook oorspronkelijk uit Nederland. Hij heet Reitsma maar ook geen woord Nederlands. 20% van de bewoners uit deze omgeving blijkt oorspronkelijk uit Nederland te komen. Beide fietsers eten gezellig een boterhammetje mee bij de lunch. Na de lunch is het redelijk vlak en geen tegenwind. Omdat we weten dat het de avond en nacht gaat regenen geprobeerd ergens in de buurt onderdak  te vinden maar tevergeefs. Maar het blijkt een mooie camping met overdekte ruimte om te zitten en tijdens de vele regen.

Wo 7 juni: Terrace – Tskan (142km)

Vandaag weer bijna 150km en het nodige klimwerk. Anders dan op de vorige tours doe ik heb meegemaakt heeft iedereen alle tijd. Je moet echt je best doen om niet als eerste te vertrekken.

Rond half acht vertrekken we. Het blijft highway 16 voorlopig. In het begin weinig verkeer. Het achterop komend verkeer maakt telkens een ruime boog om ons heen ondanks dat we op de vluchtstrook, of wat daar voor door moet gaan, rijden. Het landschap is schitterend met telkens zicht op besneeuwde bergen. De weg is glooiend met toch fikse klimmetjes. Vooral na de lunch is het hard werken met soms stijgingspercentages tot 9%.

Zoals ondertussen gebruikelijk komen we iets na 14.00 uur op de camping aan na 6 uur fietsen. Klaarblijkelijk toch wat teveel van mijn krachten gevergd want na paar uur lelijke krampen in rechterbeen. Gaat gelukkig ook weer over, hoewel het een beetje behelpen is in een laag tentje. De muggen zijn hier talrijk aanwezig maar het valt nog mee als je in Rusland op de Silkroute een leerschool hebt gehad.

Di 6 juni: Prince Rupert – Terrace (147km)

Om 07.00 uur ontbijt en dat is alleszins acceptabel. De zon schijnt al en het is droog voor het eerst in 3 dagen. Hoewel er al om 06.00 uur een ontbijt wordt geserveerd in het hotel vindt de tda organisatie het nodig aan de overkant van het hotel zelf een ontbijt te maken. Een beetje armoedig maar het ontbijt is prima. Het is nog redelijk fris als we vertrekken maar in droog weer fietsen is al een hele luxe. We rijden over de enige weg die er is en dat betekent met al het overige verkeer. Dat is er bijna niet en bovendien heeft de eeg redelijke zijstroken zodat we rustig onze weg kunnen volgen.

Na 30 km is er vanwege wegwerkzaamheden maar een strook beschikbaar. Die is breed genoeg om alle verkeer er overheen te laten gaan maar niet in Canada waar de veiligheid heel belangrijk is. Men wil ons eerst op alle overige fietsers laten wachten maar gelukkig kunnen we uitleggen dat dat zeker nog een uur gaat duren en na 5 minuten mogen we de open weghelft gebruiken samen met nog een busje. Hoe moeilijk kun je het maken. Na 30 km komen we bij een groot meer waar een krachtige wind uit het Oosten waait. Precies de kant waar wik naar toe gaan. Lieke en ik wisselen elke 5 km van kop en binnen 3 uur zijn we als eersten bij de lunch. Als we vertrekken is er nog niemand gearriveerd. Na een paar honderd meter krijg ik een lekke  band vanwege een metalen onderdeel van een autoband waarmee de zijstroken vol liggen want die worden nogal eens stuk gereden. Snel een binnenband vervangen en verder. Ik moet wel aan de afstand wennen want de laatste tijd geen ritjes boven 100 km gefietst.

Op het eind nog wat klimwerk maar in bijna 6 uur de 147 km gefietst. Daar zijn we heel tevreden mee.

Categories: Uncategorized | 1 Comment

Oh, Canada!

Na de Silkroute ben ik op zoek gegaan naar een nieuwe tocht. De Silkroute wordt een in de twee jaar georganiseerd en and als ik het stuk van Almati naar Teheran met de Pamir Highway nog eens wil fietsen om de hele route te hebben gefietst dan kan dat pas in 2018. In 2017 heeft de TDA organisatie die ook de Silkroute organiseert vanwege het 150 jarig bestaan van Canada een tocht uitgezet van het uiterste westen naar het oostelijkste puntje. De hele tocht duurt ruim 3 maanden. De tocht is onderverdeeld in 5 secties en de eerste sectie gaat van het eiland Haida Gwaii naar Calgary. Bijna 2000 km.

Toen dochter Lieke, die in Vancouver woont, van die plannen hoorde wilde ze wel mee. Van 2 juni tot 23 juni doe ik verslag van de tocht.

Ma 5 juni: Ferry van Queen Charlotte naar Prince Rupert

Vandaag geen echte fietsdag. We gaan nog wel op de fiets 7 km verderop naar de ferry. Daar hoef ik mijn fietskleren niet voor aan te trekken maar wel mijn regenkleding. De hele nacht heeft het af en toe geregend en mijn tent gaat kletsnat in een waterdichte tas. We moeten al om 08.00 uur bij de ferry zijn ook al vertrekt die pas om 10.00 uur. Er gaan nog heel wat vrachtauto’s en auto’s mee maar relatief weinig mensen. We hebben dan ook alle ruimte. De reis gaat 7 uur duren. Na een paar uur is de schommeling van de boot zodanig dat ik me bepaald niet lekker voel. Ik ben niet de enige te zijn. Het gaat allemaal net goed en na nog eens 2 uur is de boot weer in rustiger vaarwater gekomen. Vanaf de ferry nog 3 km fietsen en nog steeds regen. Wel de luxe van een hotel om een aantal spullen weer droog te krijgen. Er voegt zich nog een nieuwe rijder bij ons. Na een gezamenlijke maaltijd en wat fietsonderhoud klaar voor de eerste wat langere fietsdag.

Zo 4 juni: Tlell – Queen Charlotte (50km)

Om 07.00 uur ontbijt en dat betekent dat we bij licht opstaan en tent kunnen afbreken. Dat is luxe vergeleken met eerdere tochten. Het is wel een beetje regenachtig en de tent gaat redelijk nat de tas in. We hebben niet veel haast omdat we maar 50 km hoeven te fietsen. In het begin stevige wind tegen maar dat valt al snel heel erg mee. Heel mooie route met links van ons de oceaan. We komen weer voorbij het museum waar we gisteren een bezoek hebben gebracht. Al om 10.00 uur in Queen Charlotte. In plaatselijk café koffie gedronken. De tijd lijkt hier 40 jaar stil te hebben gestaan. Dezelfde ervaring op de camping met een douche die je ook in Mongolië tegen kunt komen. Het water is wel lekker warm. Omdat het maar een korte rit was hebben we een lange middag over. Eerst met Lieke Queen Charlotte ingewandeld. We worden overvallen door een plensbui en drogen in een winkel/cafeetje wat op. Gelukkig is er op de camping een soort lounge waar het warm is en ik de middag al lezend en slapend heb doorgebracht.

Za 3 juni: Masset – Tlell (70 km)

Bij het ontbijt zie ik iedereen die van het fietsgezelschap deel uitmaakt. Valt niet mee alle namen te onthouden ondanks dat de groep maar uit 20 personen bestaat. Na het ontbijt eerst met de tda busjes naar Masset waar de fietstocht in feite begint. Dat is ruim 120 km naar het noorden. We nemen nog een veerpont en brengen een bezoek aan het Haida Gwaii Museum waar we een rondleiding krijgen. Bijzonder zijn de totempalen met elk een eigen betekenis. Rond de middag bereiken we Masset en na een lunch en een groepsfoto mogen we gaan fietsen. In feite weer 70km dezelfde weg terug met dit verschil dat we nu een straffe tegenwind hebben. Het uitzicht over de oceaan is schitterend maar gelukkig komen we na een tijdje tussen de bomen waar de wind minder maar nog steeds heel heftig is.

Na 45 km eerste gelegenheid om bij een tankstation wat te drinken. Het is hier allemaal erg afgelegen en er zijn uitvoerige instructies gegeven wat te doen als je beren op je weg ziet. En ook dat je niets eetbaars in je tent moet meenemen. Beren komen we niet tegen wel herten. Het is redelijk heuvelachtig en als ik mij op een van de hellingen verschakel ontlokt dat Lieke de opmerking dat er hier geen tandarts in de buurt is mij herinnerend aan een situatie eind jaren ’90 toen ik mij ook verschakelde en Lieke tegen mij aanreed en vervolgens viel en 2 voortanden half verbrijzelde. Het was in Maastricht waar de ravage dezelfde ochtend werd gerestaureerd door een tandarts waarna wij onze weg per fiets naar Grenoble weer konden vervolgen.Extra voorzichtigheid geboden dus.

Bij het tankstation ook soep besteld want de organisatie vindt het niet meer nodig deze bij aankomst op de campsite te serveren. Na bijna 3 uur arriveren we als eersten op de campsite. Of dit iets zegt over onze fietsconditie of die van de overigen is mij nog niet duidelijk maar Lieke heeft het al over fietsen voor dummies. We wachten af. De tenten zetten we op in wat regenachtig weer en met 9° is het niet warm.We kunnen wel buiten maar overdekt eten. Toch snel de tent in om het warm te krijgen.

Vr 2 juni: Vlucht van Vancouver naar Sandspit

Op maandag 29 mei eerst naar Vancouver gevlogen met Marjet die de eerste week de oppas is voor bijna 3 jarige Kai. Als we over de Rocky Mountains vliegen waar we over 3 weken hopen te fietsen dan zie ik alleen maar sneeuw. De zon moet nog hard gaan schijnen. Er is een tijdsverschil van negen uur maar op vrijdag als we vertrekken is mijn lichaam er redelijk aan gewend. We hebben een grote taxi besteld om naar het vliegveld te gaan. 2 dozen met fietsen en een paar grote tassen. De bestelde taxi komt niet op de  afgesproken tijd en na een kwartier besluit Lieke haar eigen auto te gebruiken. Met enige moeite de dozen en bagage erin gekregen. De auto moet nog wel opgehaald worden maar ook daarvoor heeft Lieke een oplossing gevonden. Tijdig arriveren we op het vliegveld en ook het inchecken verloopt redelijk snel. Het is wel telkens worstelen om met een fietsdoos door de deuren te komen en bij de odd luggagge.

Ondanks dat we een binnenlandse vlucht hebben zijn de controles er niet minder om. Het vliegtuig is voor nog geen 50 personen en alles is zeer kleinschalig. In bijna 2 uur vliegen we naar Haida Gwaii. Mooi uitzicht bij het raam. Op het vliegveldje landen 2 kleine vliegtuigen per dag. Het is een zandplaat met landingsbaan. We worden door Maxime van TDA opgehaald en de organisaties is zeer behulpzaam bij het weer in elkaar zetten van de fietsen. We fietsen nog 10 km langs de kust en we moeten vrij lang wachten alvorens de maaltijd geserveerd wordt. Daarna nog alle bagage even nalopen. Er is weer een 2 tassen strategie hetgeen betekent dat je de spullen die je elke dag nodig hebt in de ene tas moet doen en de overige spullen in de andere tas doe je weer krijgt als er een rustdag is. Ik dacht dat er na 2 dagen een rustdag was maar dat blijkt pas na 8 dagen. Ik heb dan  ook maar weinig spullen voor de zogeheten permanent bag.

Categories: Uncategorized | Leave a comment

Istanbul!!!

5 okt – Stage 116: Sile – Istanbul  (86 km)

Slechts 86 km vandaag. Dat is telkens de grootste fout die je kunt maken. Onderschatting van een rit. Ik ben blij met mijn kamertje want het heeft geregend. Bij het ontbijt dat dit keer om 07.00 uur is is het droog. Als we op weg gaan moet toch de regenkleding aan. Niet veel regen maar het fietst niet lekker als je ook nog regelmatig moet klimmen. En dat klimmen valt nog behoorlijk tegen. Blijkt ook meer te zijn dan opgegeven. De weg is nat en gevaarlijk bij afdalen. Na 50 km komt regen met bakken uit de lucht. Bij 12 ° niet echt aangenaam. Grote plassen op de weg. Als je niet van de regen nat wordt dan wel van voorbijkomend verkeer. Er is een lunch georganiseerd op een boot aan de Bosporus op 20 km van Istanbul. We komen drijfnat en koud aan en in een cafeetje naast de boot is het warm en proberen we weer warm en droog te worden. Als iedereen er is lunch op een overdekte maar open boot. Iedereen vlucht met wat eten weer cafeetje in. Na de lunch begint het wat op te klaren en we vertrekken naar een punt 15 km verderop voor maken van foto’s. Als we daar aankomen schijnt de zon zelfs. De laatste 7 km in konvooi. Dat gaat zo langzaam dat ik alle tijd heb om Bosporus te bekijken. Aan de overkant ligt Europees deel van Istanbul. Prachtig om te zien. Vlak bij hotel nog aan de Bosporus worden we ontvangen met champagne, althans wat daar voor door moest gaan. Felicitaties en weer foto’s. Er zijn nog 13 rijders over onder wie 3 zogeheten sectionals zoals ik. 5 van de 9 secties heb ik mee gefietst en wel bijna 8000 km van de 12500. Prachtige ervaring waarbij Mongolië en Turkije het mooist waren.

Aan begin van avond eerst nog een diashow van hele rit en uitreiking van awards, waarbij ik de award: ” fountain of youth” ontving. Mooi maar je wordt er niet jonger van. Om 20.00 uur nog een diner op prachtige locatie. Eerst wat lopen en met een bootje naar eiland met goed restaurant en 5 gangen menu. Heel gezellig maar je merkt dat iedereen ook met afscheid bezig is. Om iets over 22.00 uur is einde diner en dat is voor ons erg laat, zeker als je weet dat een aantal volgende ochtend  06.00 uur op vliegveld moeten staan en om 03.00 uur op moeten. Vroeg opstaan zijn we wel gewend maar dit zijn weer andere omstandigheden. De volgende ochtend ben ik weer op een normale tijd op om alvast te wennen. Daarna fiets in doos, bagage wegen en wachten op vertrek met taxi naar vliegveld. Mijn vlucht is in namiddag maar je blijkt de nodige tijd te moeten uittrekken om de brug over Bosporus naar het Europese deel over te komen. Nu gereed voor vertrek naar Nederland.

Categories: Uncategorized | Leave a comment

Zwarte Zee, mist en honden

4 okt – Stage 115 dinsdag: Kayacik – Sile (98 km)

De verkeersdrukte van de vlakbij belegen weg blijkt mee te vallen. Toch is het onrustig rond de kampeerplaats en uiteraard zijn er blaffende honden. Ze bijten gelukkig niet. Onderweg blijkt dat anders te worden. Als ik met Erwin en Jacqueline als eerste vertrek is het nog erg mistig en zelfs gevaarlijk om te fietsen. Na 15 km trekt de mist op en breekt de zon door. We hoeven vandaag nog geen 100 km te fietsen maar daarin wel 1700 meter klimmen. Als de eerste klim zich aandient ben ik zoveel sneller dan de anderen dat ik besluit maar door te fietsen. Onderweg veel last van honden. Gewoon een plaag. Rond elk plaatsje verzamelen zich vaak aan begin en eind een groep wilde honden. Ik klik nu maar telkens mijn schoenen uit en een was mijn enkels zo dicht genaderd dat ik een trap moest geven. Daarbij maakte ik een lelijke zwieper die gelukkig goed afliep. Als je bergop fietst kan een hond je makkelijker pakken maar als je bergaf gaat met behoorlijke snelheid en hij komt voor je voorwiel dan loopt het ook verkeerd af. En dat gebeurde bijna. Je ziet overigens regelmatig een dode hond langs de kant van de weg liggen. Uiteindelijk een nieuwe tactiek bedacht die nog werkt ook. Ik heb koekjes bij me en als een hond achter me aankomt gooi ik een stuk naar hem toe. Daar blijkt die toch liever op af te gaan dan op mij.

Na de lunch worden de beklimmingen een stuk pittiger en regelmatig tot 15%. Telkens komt de kust van de Zwarte Zee weer in beeld. Er is veel werkverkeer vanwege de aanleg van een pijpleiding en een grote weg. Vlak voor 12.00 uur al op kampeerplek waar ik een kamer kan huren. Daar maak ik dankbaar gebruik van, zeker nu weersvoorspelling voor morgen regen is. De staf heeft een zeer uitgebreide maaltijd voorbereid met voorgerechten, vis, vlees en nagerechten. Hebben ze veel werk van gemaakt. Daarna worden de Silkroute shirts uitgereikt die we morgen geacht worden aan te doen. De laatste dag van deze tocht.

3 okt – Stage 114: Soflar – Kayacik (123 km)

Een wat onrustige nacht op een wat scheef kampeerplekje met blaffende honden en blatende imams. De kerken hebben kerkklokken om de omgeving vroeg wakker te schudden en de imams luidsprekers. De weg terug naar de asfaltweg is modderig en daar is mijn fiets niet op berekend ook al loop ik ermee. Eerst de modder bij de remmen en wielen weghalen want die draaien niet meer. Vandaag toch nog het nodige klimmen. We gaan naar de kust toe en nadat we het nodige op en af zijn gegaan komen we aan de kust van de Zwarte Zee. Daar rijden we een hele tijd parallel aan, erg mooi om de zee te zien. Daarna weer het binnenland in met hellingen van meer dan 10%. Het lukt me telkens om fietsend boven te komen. Na 60 km terug aan de kust en met wat wind in de rug in vliegende vaart naar de lunch op 70 km. De zon schijnt, de temperatuur is boven de 20° en de wind is niet tegen. Na de lunch nog de nodige klimmetjes. Om 2 uur al op kampeerplek die nu wat ruimer en beter is.

2 okt – Stage 113: Safranbolu  – Kaymaklar (143 km)

Vandaag maar eens voor de afwisseling als laatste vertrokken. Kostte enige moeite maar toch gelukt. We beginnen meteen met een lange afdaling door nogal groot stedelijk gebied. Hoewel ik als laatste ben gestart haal ik al snel wat riders in. Na 35 km ook Erwin en Jacqueline met wie ik tevoren regelmatig samen heb gefietst. Na 40 km wacht ik op hen om samen verder te fietsen. Even later begeeft mijn versnelling het dat wil zeggen dat mijn ketting op het grootste blad (28) zit en ik alleen nog mijn 3 voorbladen kan schakelen. Als het bergop gaat is dat niet erg maar we gaan juist wat naar beneden. Dan trap ik me lam om de anderen bij te houden. Gelukkig is onze mechanic Jordan bij de lunch op 80 km aanwezig en die weet het te repareren. We waren na drie uur al bij de lunch maar dan hebben we nog maar 300 meter geklommen en dat moeten uiteindelijk meer dan 1500 meter worden. Voor de lunch hadden we een groot aantal tunnels – wel 20. Om de tijd te doden heb ik geteld hoeveel de totale lengte was – 3763 meter.

Na de lunch kon ik de meters gaan tellen die we moesten klimmen. Meteen een klim van 13 km met zeer slecht asfalt of liever hele ruwe stenen. In de routeaanwijzingen was niet aangegeven waar de klimmen waren dus dat was een verassing. Er volgden er nog een paar van een 3 a 4 km met stijgingspercentages van soms 10 procent. Het wegdek was ook vaak slecht, maar de zeer mooie omgeving maakte veel goed. Tegen 14.00 uur op kampeerplek aangekomen. De laatste 500 meter ernaar toe leek het erop alsof we naar een vuilnisbelt zouden rijden maar uiteindelijk was dat niet het geval. Het avondeten was iets later omdat niet iedereen op tijd binnen kon komen. De fruitsalade, aardappelpuree en biefstuk met saus waren verrukkelijk.

Categories: Uncategorized | Leave a comment

Strijd van een oude titaan en saffraan

1 okt: Rustdag in Safranbolu

Het plaatsje waar we zitten is heel bijzonder wat ligging betreft met veel hoogteverschil. De laatste 2 km gingen we dwars door het stadje met hellingen van 13%. In de ochtend wat rondgekeken. Een heel gezellige markt en veel winkeltjes. Het blijkt redelijk toeristisch en vanwege een of ander festival blijkt het erg druk. Dat is ook de reden dat ik in ons hotel geen kamer voor mezelf kon krijgen. Het hotel is een mooi oud gebouw met allerlei verschillende soorten kamers. Ik deel een redelijk grote kamer. De vloeren zijn van hout en bij de ingang moet je je schoenen uitdoen en in een kastje opbergen. Dat neemt niet weg dat je je bovenburen toch wel hoort lopen. De douche en het toilet zijn verbouwde kasten. Gezellig maar niet echt praktisch. In de middag nog wat fietsonderhoud en voorbereiden op volgende laatste vier fietsdagen. Het stadje waar we zitten is beroemd om zijn safraan, nomen est omen. Ik heb een paar potjes gekocht. Zo had ik safraanstokjes nog nooit gezien. Relatief prijzig maar ik hoop iemand er een plezier mee te kunnen doen.

30 sep – Stage 112: Grassy Camp – Safranbolu (130 km)

Op zichzelf mooie kampeerplek maar in de ochtend is het wel erg koud met 4°. Bovendien is de tent nogal nat hoewel het niet heeft geregend. Mijn waterdichte handschoenen maar meteen aangedaan en wat dikkere kleren. Vandaag toch weer een pittige dag met 1700 meter klimmen. Wat me gisteren is overkomen ben ik nog niet vergeten en ik heb een plannetje bedacht om meteen een lunch pakketje mee te nemen en niet te stoppen bij de lunch. Daarna in het volgende dorp wil ik dan wachten en hem laten passeren zonder dat hij me ziet hopend dat hij in achtervolging op mij is. Ik vertrek bijna 10 minuten later omdat ik mijn boterhammen nog moet smeren. We beginnen met 3 km afdalen en het is steenkoud. Daarna een paar km klimmen en ik krijg hem al snel in het vizier. Ik blijf op gepaste afstand. Vlak voor lunch op 77 km stopt hij en even later doe ik dat ook want hij moet niet meteen zien dat ik lunch oversla. Ik rij bij de lunch door en stop 10 km verder bij pompstation waar ik niet te zien ben. Na 10 minuten nog niemand gepasseerd. Ook na meer dan een half uur nog niet. Ik denk dat ik hem gemist heb en ga dan maar weer op pad. Fiets goed door zonder de intentie als eerste binnen te komen. Dat blijkt wel het geval te zijn. Als hij 10 minuten na mij binnenkomt scheldt hij mij de huid vol dat het geen stijl is dat ik de lunch heb overgeslagen. Hij praat nu niet meer tegen me. Dan te weten dat hij in het verleden hetzelfde deed. Genoeg over deze tweestrijd. Ik ga de laatste 4 dagen als expeditie rider op pad in plaats van als racer. Het ging overigens wel lekker. Het bloed kruipt waar het niet gaan kan.

29 sep – Stage 111: Osmancik – Grassy Camp (125 km)

Gistermiddag een lange middag die ik heb doorgebracht met wat winkelen, slapen en poetsen. Door de regen was een poetsbeurt noodzakelijk geworden. In een restaurant in de buurt gezamenlijk gedineerd. Het eten is prima maar wordt met een sneltreinvaart uitgeserveerd. Vroeg naar bed want voor vandaag een pittig tochtje met een klim van 15 km. Gisteren was ik als eerste binnengekomen en dat stond degene die normaal als eerste binnenkomt niet aan. Hij vertrekt als eerste. Ik iets later. Wanneer ik hem passeer blijft hij een tijdje achter me hangen om er dan snel vandoor te gaan. Regelmatig kijkt hij om waar ik blijf. Ik blijf een paar honderd meter erachter. Omdat hij vlak voor de lunch iets verkeerd rij kom ik als eerste bij de lunch. Meteen na de lunch de 15 km lange klim. Omdat ik tevoren al proviand tot me had genomen en ik niet met volle maag de klim wil doen ben ik zo klaar met mijn lunch en ik vertrek. Dat verrast hem en hij laat zijn lunch nagenoeg staan en fietst me meteen voorbij. Tot 11km van de klim blijf ik achter hem maar dan wordt het stijgingspercentage boven de 11°. Ik moet passen. Ik ga rustig verder. Op de top van de klim is het 8° en in de afdaling heb ik zodanige dooie vingers dat ik wel kan remmen maar moeilijk schakelen. Ik kom 5 tot 10 minuten na hem binnen. Gisteren kwam hij 20 minuten na mij binnen en zei helemaal niets. Wanneer ik binnenkom feliciteer ik hem waarop hij vraagt: “waarmee?” Zo onsportief maak ik het niet vaak mee.Moest het verhaal toch even kwijt. Ik voel overigens aan mijn benen wel dat ik behoorlijk heb door getrapt. Voor foto’s nagenoeg geen tijd genomen. Wel een sportieve dag gehad.

Categories: Uncategorized | Leave a comment

Peddelen en rust langs de rivier

28 sep – Stage 110: Amasya – Osmancik (110 km)

Om 06.00 uur ontbijt. Vandaag maar eens op eigen houtje zoals ik in Nederland zo vaak in mijn eentje fiets. Als ik na het ontbijt wil vertrekken is het nog donker. Bovendien heeft het geregend en spettert het nog wat. Morgen zal het ontbijt een half uur later zijn, want nu moeten we wachten voor vertrek vanwege de duisternis. Ik vertrek als vierde maar al  snel blijk ik de eerste te zijn. Het is overigens geen wedstrijd. Ik wil voor mijzelf een keer lekker doorfietsen en niet overal voor stoppen. Dat betekent wel dat ik alleen voor de lunch ben gestopt en voor één foto. De grote weg waarover we vandaag rijden gaat naar Istanbul en dat betekent veel verkeer. Met het natte wegdek erbij is het fietsen niet echt interessant. Meestal is er een goede vluchtstrook maar niet altijd en dan is het echt uitkijken voor grote vrachtwagens. Na ruim twee uur als eerste bij lunch aan op 60 km. Niet slecht want er was ook nog nodige klimwerk bij. Wanneer ik weer vertrek bij de lunch is nog niemand anders aangekomen. Inmiddels is de weg droog omdat het zonnetje erbij is gekomen. Na eerst nog wat klimmen is de laatste 25 km vooral naar beneden over goed asfalt en uiteraard wind tegen. Opvallend is langs de route de vele stalletjes waar ze grote zakken met uien verkopen. Klaarblijkelijk uiengebied. Aan wie die gesleten moeten worden is mij een raadsel. Al iets over half elf in Osmancik. Nu een keer heel vroeg. De kamers in het hostel waar we deze nacht verblijven zijn zelfs nog niet klaar, dat krijg je ervanl als je snel bent. De laatsten komen om 14.00 binnen en kunnen meteen douchen.

27 sep: Rustdag Amasya 

Om 07.30 ontbijt en dat is laat voor mijn maag. Daarna wordt opnieuw de wond op mijn voorhoofd verzorgd door Luke. Mijn haar wassen is er even niet bij. Dat is wel vaker op onze tocht, dus geen probleem. Met mijn cap op kan ik de grote pleister op mijn voorhoofd redelijk verbergen. Op het binnenplaatsje van het hotel eerst mijn fiets een grondige schoonmaakbeurt gegeven. Na 7 dagen fietsen met regelmatig modderwegen is dat heel hard nodig. en kost het enige tijd. Het resultaat mag er wezen want hij ziet er weer prima uit en alles loopt weer gesmeerd.

Nog wat rondgelopen door Amasya en ergens buiten geluncht aan de rivier die dwars door Amasya loopt. Schitterende plaats. Voor de rest mij voorbereid op volgende 3 fietsdagen. Mijn hoofdwond is hopelijk geen probleem. Voor de rest helemaal topfit. Geen klachten en met name geen krampverschijnselen. Of dit komt door mijn rek- en strekoefeningen die ik de laatste tijd overigens niet meer doe, weet ik niet. Het is nu wel eens tijd om te melden dat ik advies kreeg om voedingssupplementen te gebruiken. Hoewel ik daar sceptisch tegenover sta moet ik zeggen dat ik mij fysiek beter voel dan in de eerste twee maanden van de tocht. Kramp is er tot nu toe niet geweest en ik heb er geen moeite mee het aan die supplementen toe te schrijven. Tot nu toe heb ik me ook niet tot het uiterste ingespannen. Komende 3 dagen nog eens uittesten.

26 sep – Stage 109: River Camp – Amasya  (124 km)

Het avondeten de dag ervoor was uitstekend. Toch begon ik me daarna wat onaangenaam te voelen. Rustig in mijn tentje gaan liggen, maar mijn antiperistaltiek vond het nodig zijn 2 – jaarlijkse oefening te houden. Kon nog net op tijd mijn tent uitkomen. Daarna rustig de nacht doorgekomen en met hongerig gevoel opgestaan. Maar eens thee, droog brood en wat pap genomen, hopelijk voldoende energie om de uiteindelijk 124 km af te leggen. We rijden de hele dag over een 4- baans weg met weinig verkeer door een schitterende omgeving. Het blijft klimmen en dalen. Alles heel regelmatig. De laatste 25 km nog wel stevig windje tegen. We zijn met drieën en ieder doet zijn kopwerk. Naarmate we dichter bij Amasya komen wordt het wel wat drukker. Het duurt even voor we hotel hebben gevonden. Helemaal niet erg want het is een schitterend stadje. Voor het eerst ook dat ik iets van toerisme ontdek hier. Veel hotels en restaurants. Voor een fles wijn moet je toch zelf op pad want dat wordt in bijna geen restaurant geschonken. Bij de wandeling die ik hiervoor maakte struikelde ik eerst over een nat en glad trottoir en vervolgens zag ik door de laagstaande zon een verkeersbord niet dat op hoofdhoogte was opgehangen waar ik niet zonder te bukken niet onderdoor kon. Gevolg een hoofdwond die volgens de verpleegkundige Luke misschien gehecht moest worden als die bleef bloeden. Dat bleek gelukkig niet het geval zodat een ziekenhuis bezoek mij bespaard bleef. Mogelijk wel een blijvend aandenken aan deze tocht op mijn voorhoofd. Met een pet op blijft het allemaal nog toonbaar. In het hotel dineren we ’s avonds. Velen hebben een eigen fles wijn bij zich, maar de zin in een glas wijn is even overgegaan voor vandaag.

Categories: Uncategorized | Leave a comment

Blog at WordPress.com.